Naar hoofdinhoud
1. Het vooronderzoek vindt plaats op een door de burgemeester te bepalen wijze, waarbij voor de betreffende melding de meest geëigende onderzoeksmethode wordt gekozen. 2.. Van het vooronderzoek wordt een rapport van bevindingen opgemaakt. 3.. De burgemeester doet vertrouwelijk mededeling van de resultaten van het vooronderzoek aan het Seniorenconvent. Artikel 13 leden 5 t/m 7 zijn hierop van overeenkomstige toepassing. 4.. Als het vooronderzoek geen aanleiding geeft voor het instellen van een nader feitelijk onderzoek, besluit de burgemeester het onderzoek niet verder voort te zetten. Van deze beslissing worden de melder alsmede de politieke ambtsdrager over wie de melding is gedaan schriftelijk in kennis gesteld. 5.. Indien op grond van de bevindingen uit het vooronderzoek als bedoeld in dit artikel de noodzaak blijkt tot het verrichten van een nader onderzoek, besluit de burgemeester een feitenonderzoek als bedoeld in artikel 5 in te stellen. 6.. In het geval van een vermoeden van schending van de burgemeester wordt, indien op grond van de bevindingen uit het vooronderzoek besloten wordt tot het instellen van een feitenonderzoek, de Commissaris van de Koning in kennis gesteld.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel