Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3.2

Duiding vraag en onderzoek

Onderdeel van Nadere regels jeugdhulp Drechterland 2025

1.. De lokale toegang neemt namens het college contact op met de jeugdige en/of zijn ouders om een afspraak te maken voor een gesprek voor onderzoek naar de hulpvraag. Hierbij verzamelt het college alle voor het onderzoek van belang zijnde en toegankelijke gegevens over de jeugdige en zijn situatie. 2.. De lokale toegang doet een vraagverheldering en onderzoekt, mede op basis van de wettelijke kaders, of er inzet van een jeugdhulpaanbieder nodig is om de hulpvraag op te lossen. 3.. De jeugdconsulent onderzoekt -bij voorkeur in een persoonlijk gesprek met de jeugdige en/of zijn ouder(s)- voor zover noodzakelijk en/of mogelijk: de behoeften, persoonskenmerken en voorkeuren van de jeugdige; de mogelijkheden om op eigen kracht, met gebruikelijke zorg of hulp uit het sociale netwerk te voorzien in de behoefte; de behoefte aan ondersteuning van de ouder(s); de mogelijkheid om gebruik te maken van algemene voorzieningen; de veiligheid, ontwikkeling en gezinssituatie van de jeugdige en zijn ouder(s); het gewenste resultaat van het verzoek om jeugdhulp; de wijze waarop een mogelijk toe te kennen individuele voorziening wordt afgestemd met andere voorzieningen op het gebied van zorg, onderwijs, maatschappelijke ondersteuning, of werk en inkomen. 4.. De jeugdconsulent werkt nauw samen met Team Inzet. 5.. Als de situatie van de jeugdige en/of zijn ouders dit vereisen kan de jeugdconsulent Team Inzet een deel van het onderzoek laten verrichten. 6.. Als de jeugdige en/of zijn ouders al een familiegroepsplan hebben opgesteld, wordt dit plan bij het onderzoek betrokken, bedoeld in het eerste lid. 7.. De jeugdconsulent informeert de jeugdige en zijn ouder(s) over de gang van zaken, diens rechten en plichten en de vervolgprocedure. 8.. De jeugdconsulent kan in overleg met de jeugdige of zijn ouders afzien van een gesprek als de hulpvraag genoegzaam bekend is of in geval van crisissituaties waarbij de veiligheid van kinderen en/of betrokkenen in het geding is en acuut ingrijpen aantoonbaar noodzakelijk is. 9.. De jeugdige en/of zijn ouders verschaffen alle overige gegevens en bescheiden die naar het oordeel van de jeugdconsulent voor het onderzoek nodig zijn en waarover zij redelijkerwijs de beschikking kunnen krijgen. 10.. Als de jeugdige en/of zijn ouder(s): bekend is/zijn bij de gemeente, of de aanleiding van de aanvraag bekend is bij Team Inzet waarbij naar het oordeel van de jeugdconsulent voldoende gegevens en bescheiden door Team Inzet zijn verschaft, kan de jeugdconsulent in overeenstemming met de jeugdige en/of zijn ouder(s) afzien van een vooronderzoek als bedoeld in het eerste en tweede lid. Daarnaast kan de jeugdconsulent hiervan afzien in situaties van hoge urgentie zoals een levensbedreigende situatie waarbij de noodzaak tot acuut ingrijpen aantoonbaar is en in geval van onvermogen van de jeugdige of ouders.

Rechtspraak bij dit artikel