In deze beleidsregels wordt verstaan onder:
Bedrijventerrein: het geheel aan gebouwen en terreinen ten behoeve van bedrijven en industrie, inclusief toevoerwegen, tussengelegen water, fabrieksterrein, haventerrein, veilingterrein, tentoonstellingsterrein, veemarkt (al dan niet overdekt), groothandelscomplex, terrein met banken en verzekeringsmaatschappijen, bijbehorend opslagterrein en parkeergelegenheid, garage (incl. parkeergarage), garage van busmaatschappij, kantoorgebouw, bijbehorende parkeerterreinen en niet tot deze categorie behorende inliggende braak-, en/of niet bouwrijpe terreinen.
Bestaand stedelijk gebied: het gebied zoals begrensd op de van de Omgevingsverordening Fryslán deel uitmakende kaarten Begrenzing bestaand stedelijk gebied in Bijlage 1.1 van de Omgevingsverordening.
Bruto vloeroppervlak (BVO): het vloeroppervlak van de ruimte, dan wel van meerdere ruimten van een vastgoedobject gemeten (volgens NEN 2580) op vloerniveau langs de buitenomtrek van de (buitenste) opgaande scheidingsconstructie, die de desbetreffende ruimte(n) omhullen.
Omgevingsplan: omgevingsplan als bedoel in artikel 2.4 Omgevingswet.
OPA: een activiteit waarvoor in het omgevingsplan is bepaald dat het is verboden deze zonder omgevingsvergunning te verrichten en die niet in strijd is met het omgevingsplan, of een andere activiteit die in strijd is met het omgevingsplan.
Padel: sport die gespeeld wordt door twee teams van twee spelers of twee teams van één speler op een veld waar glazen wanden omheen staan, waarbij de bal met een racket over een net wordt gespeeld en indien gewenst via de wanden.
Padelbaan: een omheind speelveld (kooi) vergelijkbaar met een tennisbaan maar omgeven door glazen wanden en hekwerk die deel uitmaken van het spel.
Padelhal: een hal waarin één of meerdere padelbanen zijn gevestigd
Hoofdstuk 2
Artikel 2
Begrippen
Onderdeel van Toetsingskader indoor padelhallen op bedrijventerreinen De Fryske Marren