Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3.5

Natuurinclusief

Onderdeel van Handboek Inrichting Openbare Ruimte HIOR gemeente Heumen

Natuurinclusief betekent: je ontwerp laten leiden door de vraag "hoe helpen we de natuur?" in plaats van "hoe passen we natuur in ons plan in?" Dit is een fundamenteel ander uitgangspunt. De Omgevingsvisie stelt: "De gemeente neemt een regisserende rol in het vergroenen van de openbare ruimte. Buiten de natuurgebieden wil de gemeente de natuurwaarden versterken door de biodiversiteit te vergroten. Nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen moeten daaraan aantoonbaar bijdragen." En: "Het natuurlijke bodem- en watersysteem is het uitgangspunt voor nieuwe ontwikkelingen." 3.5.1Hoe Heumen dit aanpakt Biodiverse plantkeuze. Planten worden gekozen op basis van (1) klimaatbestendigheid (onderzoeken WUR), (2) waarde voor insecten en vogels, en (3) inheemse variatie. We streven naar rassen die al decennia in ons klimaat groeien, maar ook bestand zijn tegen de klimaatverandering. Het beleid zegt: "Het soortenbestand kent een grotere (inheemse) diversiteit. De aanwezigheid van invasieve exoten wordt zoveel mogelijk tegengegaan." Wadi's met biodiversiteit. Een wadi krijgt verschillende bodemniveaus (net als een natuurlijke poel), waterminnende plant/boomsoorten. Knikken en hellingen volgen natuurlijke vormen. Klinkt simpel, maar dit is anders dan een simpel gegraven verlaging in het maaiveld. Bomen in groepen. In plaats van losse bomen in bestrating planten we de bomen in groenstroken met voldoende ondergrondse groeiruimte en voeding. Dit zorgt voor robuuste groenvakken en bomenrijen die op hun beurt bijdragen aan een prettige leefomgeving voor insecten, vogels en kleine zoogdieren. Het beleid zegt: "Bomen kunnen tot hun volle wasdom komen. Oude bomen worden gekoesterd." Minimale verstoring van dieren. Verstrooiing van licht tegengaan. Dit betekent geen lichtvervuiling, want dit verstoort insecten en vogels. Ronde hoeken in verharding in plaats van scherpe hoeken– dit helpt kleine dieren veilig over te steken. Bij extreme droogte nemen we "actief maatregelen in de bescherming tegen droogte en extreme hitte" (volgens de Omgevingsvisie). Geen giftige bomen en struiken bij speelplekken. Bij speelplekken planten we geen soorten met giftige bessen of doornen.

Rechtspraak bij dit artikel