**1..** Het college kan het recht op leefgeld opschorten indien de belanghebbende:
niet voldoet aan de inlichtingenplicht;
gevraagde bewijsstukken niet of niet tijdig verstrekt;
anderszins onvoldoende medewerking verleent aan het vaststellen van het recht op leefgeld.
**2..** De opschorting wordt beëindigd zodra de belanghebbende de gevraagde informatie alsnog binnen de door het college gestelde redelijke hersteltermijn verstrekt.
**3..** Het college kan het recht op leefgeld intrekken indien de belanghebbende:
inkomsten heeft die gelijk zijn aan of hoger zijn dan 115% van het toepasselijke leefgeld;
onjuiste of onvolledige informatie heeft verstrekt;
de opvang verlaat of daarin niet langer verblijft;
zich ernstig misdraagt jegens medebewoners of personeel;
na opschorting niet binnen de gestelde redelijke hersteltermijn voldoet aan het verzoek om informatie.
**4..** Indien een meerderjarige belanghebbende die deel uitmaakt van een gezin niet langer voldoet aan de voorwaarden, wordt het leefgeld beëindigd voor het gehele gezin.
**5..** Indien er twijfel bestaat over het feitelijk verblijf van de belanghebbende in de opvang, kan het college het recht op leefgeld opschorten in afwachting van een nader onderzoek, waaronder een adresonderzoek.
Artikel 6
– Opschorting en intrekking leefgeld
Onderdeel van Beleidsregels ontheemden Oekraïne gemeente Lingewaard 2026