Naar hoofdinhoud
1.. Het college voorziet slechts in het algemeen onderhoud van de begraafplaatsen. Dit betreft het onderhouden van de wegen en paden, bomen, algemeen groen en algemene voorzieningen zoals de waterplaatsen. 2.. De beheerder van de begraafplaats is gerechtigd om altijd, zonder toestemming van de eigenaar van de grafbedekking, overhangend groen van graven en beplanting die buiten en boven de toegestane maximale hoogte uitreikt, te snoeien of te verwijderen, zonder dat aanspraak kan worden gemaakt op een vergoeding. 3.. Onder het in het eerste lid bedoelde van gemeentewege te verrichten onderhoud wordt niet verstaan herstel- of vernieuwingswerkzaamheden, zoals timmer-, smeed-, metsel- of steenhouwerswerk, alsmede de levering van de voor die werkzaamheden benodigde materialen.

Rechtspraak bij dit artikel