Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 4.

Participatieproces

Onderdeel van Participatieverordening gemeente Heeze-Leende 2026

1.. Het bestuursorgaan stelt bij de start van elk participatieproces vast of inwonersparticipatie wordt toegepast op grond van artikel 3 en maakt daarbij afwegingen op grond van artikel 2. 2.. Als inwonersparticipatie wordt toegepast, neemt het bestuursorgaan in beginsel over de volgende punten een besluit: het doel en de intentie van de participatie; de groepen die deel kunnen nemen, waarbij bij voorkeur concrete onderwerpen aan inwoners en ondernemers worden voorgelegd en abstracte onderwerpen aan (maatschappelijke) organisaties en/of verenigingen; het niveau van de participatie, waarbij een keuze wordt gemaakt volgens de treden van de participatieladder volgens artikel 5 lid 3 d; het soort vraagstelling, waarbij een keuze wordt gemaakt uit de fundamentele- of kernvraag, de keuzevraag, de uitwerkingsvraag en/of de borgingsvraag; de beïnvloedingsruimte en/of de inhoudelijke, financiële, procedurele en overige kaders voor de participatie; en de wijze waarop deze kaders vooraf met de deelnemers worden gecommuniceerd; 3.. Het bestuursorgaan informeert tijdig waarover en wanneer de participatie, zoals bepaald onder lid 2 van start gaat en eindigt, zodat inwoners, (lokale) ondernemers en maatschappelijke partijen tijdig invloed kunnen uitoefenen. 4.. Als er op basis van voortschrijdend inzicht blijkt dat het wenselijk is om de kaders onder lid 2 e, om de inrichting van het proces aan te passen, zorgt het bestuursorgaan ervoor dat deelnemers hierover zo snel mogelijk worden geïnformeerd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel