**1..** Onverminderd het bepaalde in artikel 10, tweede lid, van de wet, komen voor een huisvestingsvergunning voor het in gebruik nemen van woonruimte als bedoeld in artikel 2, onder a, slechts in aanmerking:
meerderjarige woningzoekenden;
woningzoekenden met een huishoudinkomen voor nieuwbouw koopwoningen niet hoger dan €67.366 voor een eenpersoonshuishouden en €89.821 voor een meerpersoonshuishouden;
**2..** De huisvestingsvergunning als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder a, wordt verleend:
als alle benodigde gegevens zoals bedoeld in artikel 7 tijdig zijn verstrekt;
in overeenstemming met de voorrangsregels uit artikel 10;
aan de woningzoekende die naar het oordeel van burgemeester en wethouders het meest geschikt is voor de nieuwbouw koopwoning in het geval sprake is van meerdere aanvragers ten aanzien van dezelfde woning en zij op gelijke wijze onder toepassing van artikel 10 vallen.
**3..** Ter invulling van de meest geschikte aanvrager als bedoeld in het tweede lid onder c, kunnen burgemeester en wethouders nadere regels stellen.
**4..** In afwijking van het eerste lid, onder b, met betrekking tot betaalbare koop kunnen burgemeester en wethouders een afwijkende inkomensgrens vaststellen, wanneer vanwege de te verwachten leencapaciteit de inkomensgrens tot onevenredige effecten zou leiden.
Hoofdstuk 2.
Artikel 4.
Criteria voor verlening huisvestingsvergunning
Onderdeel van Huisvestingsverordening West Betuwe 2026