**1..** Als een jeugdige of zijn ouder(s) in aanmerking komen voor een individuele voorziening, maar de jeugdhulp zelf wensen in te kopen door middel van een pgb, dienen de jeugdige of zijn ouder(s) daartoe een budgetplan in. In dit budgetplan is opgenomen:
de motivatie waarom het natura-aanbod van de gemeente volgens de jeugdige of zijn ouder(s) niet passend is en een pgb gewenst is;
welke jeugdhulp de jeugdige of zijn ouder(s) willen inkopen met een pgb, wat het beoogde resultaat is en wanneer en hoe wordt geëvalueerd;
de voorgenomen uitvoerder van de individuele voorziening en de wijze waarop de jeugdhulp georganiseerd wordt;
op welke wijze de kwaliteit van de in te kopen jeugdhulp is gewaarborgd;
de kosten van de uitvoering, uitgedrukt in aantal eenheden en tarief;
indien van toepassing, welke jeugdhulp de jeugdige of zijn ouder(s) willen betrekken van een persoon die behoort tot het sociale netwerk;
de motivatie aan de hand van de punten benoemd in artikel 14 waaruit blijkt dat de budgethouder of budgetbeheerder in staat is de aan een pgb verbonden taken op verantwoorde wijze uit te voeren;
**2..** De gemeente verstrekt een pgb als:
het natura-aanbod niet passend is óf de jeugdige/ouder(s) gemotiveerd en aantoonbaar de voorkeur geven aan een pgb en zij voldoen aan de voorwaarden van deze verordening;
uit de beoordeling van de pgb-vaardigheid met inachtneming van artikel 14 blijkt dat de budgethouder of, indien van toepassing, de budgetbeheerder in staat is uitvoering te geven aan de eisen die het beheer van een pgb met zich meebrengt; én
naar het oordeel van de gemeente met inachtneming van artikel 16 is gewaarborgd dat de jeugdhulp die tot de individuele voorziening behoort en die de jeugdige of zijn ouder(s) van het budget willen betrekken, van goede kwaliteit is en in voldoende mate zal bijdragen aan het bereiken van het in het budgetplan opgenomen beoogde resultaat.
**3..** De gemeente verstrekt geen pgb als er twijfels zijn over de integriteit van de voorgenomen uitvoerder van de jeugdhulp, wat zich in ieder geval voordoet indien de voorgenomen uitvoerder van de jeugdhulp in de vier jaar voorafgaande aan de aanvraag:
fraude, in de zin van opzettelijke misleiding om financieel voordeel te verkrijgen, heeft gepleegd;
betrokken is geweest bij strafbare feiten of overtredingen heeft begaan die de veiligheid en de kwaliteit van de hulp in gevaar brengen;
veroordeeld is wegens het plegen van strafbare feiten tot een gevangenisstraf;
op basis van een Bibob-toets door de gemeente is geweigerd als zorgaanbieder; óf
**4..** De gemeente weigert een pgb als een wettelijke weigeringsgrond als bedoeld in artikel 8.1.1, vierde lid, van de wet van toepassing is.
HOOFDSTUK 5.
Artikel 13.
Aanvullende regels om in aanmerking te komen voor een pgb
Onderdeel van Verordening Jeugdhulp Heeze-Leende 2026