Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 1:5

Kosten die voor subsidie in aanmerking komen

Onderdeel van Subsidieregeling jeugdparticipatie Den Haag 2026

1.. De subsidie heeft uitsluitend betrekking op de redelijkerwijs gemaakte kosten die resteren na aftrek van bijdragen van derden en die naar het oordeel van het college direct zijn verbonden met en noodzakelijk zijn voor de uitvoering van een activiteit als bedoeld in artikel 3:2 en 4:2 van deze subsidieregeling. 2.. De BTW over de gesubsidieerde kosten komt voor subsidie in aanmerking voor zover die BTW niet teruggevorderd, verrekend of anderszins in mindering kan worden gebracht. 3.. Niet voor subsidie in aanmerking komen: vrijwilligersvergoedingen; de kosten die gemaakt worden voor de waardering van vrijwilligers die meer bedragen dan € 25,00 per vrijwilliger per jaar tot een maximum van € 8.400,- per aanvraag; onvoorziene kostenposten; de kosten voor overhead die meer bedragen dan 15 % van de kosten van de subsidiabele activiteiten; de eventuele restwaarde van specifiek voor de subsidiabele activiteiten aangeschafte apparatuur; kosten voor activiteiten die in aanmerking komen voor financiering vanuit andere gemeentelijke of niet-gemeentelijke regelingen; de kosten die eerder door het college zijn gesubsidieerd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel