Onverminderd de artikelen 4:25, tweede lid en 4:35 van de Awb en artikel 11, eerste tot en met vierde lid, van de ASV weigert het college een subsidie als het van oordeel is dat:
de activiteiten niet wordt bijgedragen aan het doel en het achterliggende maatschappelijke doel van deze subsidieregeling;
de aanvraag wordt gedaan voor activiteiten die reeds in voldoende mate worden uitgevoerd door anderen of anderszins gefinancierd zijn;
de hoogte van de kosten waarvoor subsidie wordt aangevraagd niet evenredig is tot het doel van deze subsidieregeling;
uit de aanvraag blijkt dat de organisatie van de aanvrager naar gangbare bedrijfseconomische principes financieel ongezond is of de financiële continuïteit dan wel de continuïteit van de bedrijfsvoering van de aanvrager onzeker is.
Hoofdstuk 5
Artikel 5:1
Weigeringsgronden
Onderdeel van Subsidieregeling jeugdparticipatie Den Haag 2026