**1..** Een lid van het bestuur legt aan het college dat hem heeft aangewezen verantwoording af over het door hem in het bestuur gevoerde en te voeren beleid, met in achtneming van artikel 16, vijfde lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen. Het lid legt de verantwoording af volgens de bij de deelnemer gebruikelijke wijze.
**2..** Een lid van het bestuur verstrekt het college dat hem heeft aangewezen alle door een of meer leden van dat college gevraagde inlichtingen, met inachtneming van artikel 16, vijfde lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen. De inlichtingen volgens de bij de deelnemer gebruikelijke wijze verstrekt.
**3..** Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de raden, onverminderd het bepaalde in artikel 169 van de Gemeentewet.
**4..** Het bestuur geeft, zo spoedig mogelijk maar in ieder geval binnen twee maanden, aan de raden en de colleges de door een of meer leden van die raden of colleges schriftelijk gevraagde inlichtingen, met in achtneming van artikel 16, vijfde lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen.
**5..** Het bestuur geeft daarnaast aan de raden ongevraagd alle inlichtingen die de raden voor de uitoefening van hun taak nodig hebben. De inlichtingen worden schriftelijk verstrekt.
**6..** Het bestuur stelt de rekenkamer(commissie)s van de deelnemers afzonderlijk en in samenwerking met elkaar in de gelegenheid alle informatie te verkrijgen die voor de wettelijke taakuitvoering nodig is, onverminderd het bepaalde in artikel 184 Gemeentewet.
Hoofdstuk 5
Artikel 13
Informatie- en verantwoordingsplichten
Onderdeel van Gewijzigde tekst Gemeenschappelijke regeling Duo+