**4.1..** De kaders voor reserves worden vastgelegd in de Kadernota reserves en buffers. Hierin wordt uiteengezet, wie reserves mag instellen, de soorten reserves die we onderscheiden en voor welk doel reserves mogen worden ingezet en hoe over reserves wordt gerapporteerd.
**4.2..** Aan het instellen van reserves dient een instellingsbesluit van de raad vooraf te gaan. Bij een voorstel voor de instelling van een bestemmingsreserve wordt in ieder geval aangegeven:
Het specifieke doel van de reserve.
Het bestedingsplan van de reserve.
De voeding van de reserve.
De maximale looptijd.
**4.3..** De raad besluit via de vaststelling van begrotingswijzigingen over de storting in en onttrekking aan reserves
**4.4..** Het college mag als verwachte risico’s zich voordoen de risicoreservering die hiervoor is gedaan gebruiken om deze uitgaven te dekken, zonder dat hiervoor een begrotingswijziging is vastgesteld door de raad. Het college informeert de raad hierbij achteraf. In de praktijk zal dit over het algemeen bij de eerstvolgende financiële kwartaalrapportage zijn.
**4.5..** Een voorziening wordt ingesteld als dit moet van de regelgeving. Dit is meestal een bedrag wat aan een derde betaald moet worden of dat van inwoners is ontvangen voor een specifiek doel. Uitzondering hierop zijn de onderhoudsvoorzieningen, die op basis van een raadsbesluit zijn ingesteld.
**4.6..** Het college informeert de raad bij de programmabegroting en programmarekening over de ontwikkeling van reserves en voorzieningen.