Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3

– Privaatrechtelijke aspecten

Onderdeel van Beleidsregels kleine buitenplanse omgevingsplanactiviteit gemeente Bunnik

Een omgevingsvergunning kent naast publiekrechtelijke ook privaatrechtelijke aspecten. De verhouding tussen de regels in het omgevingsplan en het burenrecht kan met name een rol spelen bij het realiseren van bijvoorbeeld bijgebouwen en erfafscheidingen. Dit kan leiden tot onenigheid tussen buren. Bezwaren die hierbij worden gemaakt, zijn vaak privaatrechtelijk van aard. Als een bouwplan voldoet aan het omgevingsplan en de activiteit niet in strijd is met het Besluit bouwwerken leefomgeving, kunnen privaatrechtelijke aspecten niet leiden tot een weigering van de omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen. Bij een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (afwijkingsprocedure) moeten privaatrechtelijke belangen echter wel worden meegewogen. Een omgevingsvergunning voor de omgevingsplanactiviteit mag geweigerd worden als er sprake is van een evidente privaatrechtelijke belemmering. De civiele rechter is bevoegd om te bepalen of een privaatrechtelijke belemmering een activiteit in de weg staat. Onder een duidelijke privaatrechtelijke belemmering wordt verstaan dat zonder verder onderzoek vaststaat dat de te verlenen omgevingsvergunning niet kan worden uitgevoerd vanwege een privaatrechtelijke grondslag. Een privaatrechtelijke afweging door het bevoegd gezag bij de verlening van een omgevingsvergunning volgt uit Boek 5, Titel 4 van het Burgerlijk Wetboek. Hierbij kan bijvoorbeeld worden gedacht aan aspecten zoals bezonning, zakelijke rechten, eigendomsverhoudingen en het bestaan van vensters, muuropeningen, balkons of andere werken die in strijd zijn met het burenrecht (ex. Artikel 5:50BW).

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel