Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4. › Paragraaf 4.4

Artikel 4.4.1

Sportverenigingen

Onderdeel van Horecabeleid gemeente Asten 2026

Sportverenigingen mogen geen bijeenkomsten van persoonlijke aard organiseren, met uitzondering van de activiteiten genoemd in tabel 2. Dit verbod is ingesteld om te voorkomen dat sportverenigingen concurreren met commerciële horeca. De verbodsbepaling in artikel 14, tweede en derde lid, van de Alcoholwet staat in beginsel buitenschoolse opvang van kinderen in een sportkantine niet toe. Dit zou wel mogelijk zijn als het zou gaan om een afzonderlijke lokaliteit (gebouw). Sportverenigingen mogen hun gebouw alleen verhuren aan derden als het gaat om eenzelfde soort sportvereniging (Jeu de boules doet dit bijvoorbeeld). Het is niet toegestaan om ruimtes te verhuren voor bruiloften, feesten of andere bijeenkomsten van persoonlijke aard. De gemeente Asten wil het toch mogelijk maken om een sportkantine te verhuren aan naschoolse kinderopvang. Met het horecabeleid Asten 2026 wil de gemeente Asten vooruitlopen op landelijke ontwikkelingen rondom de Alcoholwet. Daarnaast wil de gemeente hiermee een oplossing bieden voor het lokale tekort aan beschikbare ruimtes voor maatschappelijke doeleinden. Ook vindt gemeente Asten dat het hebben van naschoolse opvang bij een sportvereniging een positieve invloed heeft op de kinderen. De kinderen kunnen op deze manier laagdrempelig kennis maken met diverse sporten. Omdat er op dit moment nog wel sprake is van een strijdigheid met de Alcoholwet zal vanuit het college onderzocht worden of het mogelijk is het horecagedeelte af te scheiden van de rest van de sportkantine. Ook zal het verboden zijn om alcohol te schenken tijdens activiteiten van de naschoolse opvang (zie tabel 6).

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel