Voor 2026 zijn de belangrijkste landelijke ontwikkelingen op het gebied van de Omgevingswet gericht op het afbouwen van overgangsrecht en de volledige integratie van het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO).
Belangrijke punten zijn:
Aflopen overgangsrecht: Een belangrijk deel van het overgangsrecht loopt af op 1 januari 2026. Het betreft het overgangsrecht bij nieuwe vergunningsplicht en overgangsrecht bij voorwaarden en uitzondering en in oude regels. Voor meer informatie willen we verwijzen naar het IPLO: Deel overgangsrecht loopt af op 1 januari 2026 | Informatiepunt Leefomgeving.
Einde TAM-IMRO: Gemeenten moeten vóór 1 januari 2026 de Tijdelijke Alternatieve Maatregel (TAM) voor IMRO (Informatiemodel Ruimtelijke Ordening) beëindigen. Dit vereist dat gemeenten hun bestemmingsplannen en andere ruimtelijke plannen in het nieuwe, uniforme omgevingsplan in STOP/TPOD-formaat hebben ingevoerd en verwerkt. Dit geldt niet voor de plannen die vóór 1 januari 2026 in ontwerp ter inzage liggen.
Aanpassingen vergunningen en regels: Vanaf 1 januari 2026 wordt de vergunningplicht voor bepaalde activiteiten aangepast. Zo is er dan een vergunning vereist voor het lozen van water uit open bodemenergiesystemen op het riool, waar voorheen een melding volstond. Ook zijn er wijzigingen in het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) en het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) die per deze datum in werking treden.
Wijziging in het omgevingsloket: Vanaf 1 januari 2026 veranderen 2 veelgebruikte indieningsformulieren van het Rijk in het Omgevingsloket. Het gaat om de informatieformulieren voor stikstofemissie en bouw- en sloopveiligheid. Het Rijk vervangt deze door 4 nieuwe formulieren. Dit heeft gevolgen voor de behandeldienstinstellingen voor gemeenten. Ook komt een ander nieuw indieningsformulier beschikbaar.
Vanaf 1 januari 2026 komt ook een nieuw formulier beschikbaar voor de activiteit Signaleren van een te hoge concentratie koolmonoxide (CO) bij een gasverbrandingsinstallatie.
Verdere digitalisering en informatiebeveiliging: De focus blijft liggen op het verbeteren van de informatievoorziening en -beveiliging binnen het DSO. Door de toenemende koppeling van data wordt dit een cruciaal aandachtspunt voor gemeenten en omgevingsdiensten om cyberaanvallen te voorkomen en een soepele bedrijfsvoering te garanderen.
Voortdurende monitoring en bijstelling: De landelijke overheid en betrokken organisaties, zoals het Informatiepunt Leefomgeving, blijven de implementatie van de wet monitoren en waar nodig bijstellen door middel van verzamelbesluiten en voortgangsbrieven.