Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1:

Artikel 1:1

Begripsbepalingen

Onderdeel van Beleidsregels wet Damocles en wet Victoria Landgraaf 2026

In deze beleidsregels wordt verstaan onder: harddrugs: alle middelen vermeld op lijst I en IA behorende bij de Opiumwet; softdrugs: alle middelen vermeld op lijst II behorende bij de Opiumwet; handel: het verkopen, afleveren of verstrekken van softdrugs of harddrugs – in al zijn verschijningsvormen - dan wel het daartoe aanwezig zijn daarvan; onder handel wordt mede verstaan een mondelinge overeenkomst tot koop, verkoop van drugs, waarbij aflevering of logistieke handelingen elders plaatsvinden; handelshoeveelheid: als meer dan 0,5 gram harddrugs en/of meer dan 5 milliliter vloeibare harddrugs zoals genoemd in lijst I van de Opiumwet aanwezig is; als meer dan 5 gram softdrugs en/of meer dan 5 hennepplanten en/of meer dan 10 ampullen/ballonnen lachgas (respectievelijk 80 gram lachgas in totaliteit) zoals genoemd in lijst II van de Opiumwet aanwezig is/zijn; voorbereidingshandelingen: het voorhanden hebben van (een) voorwerp(en) of stof(fen) als bedoeld in artikel 10a, eerste lid, onder 3°, of artikel 11a Opiumwet; pand: een woning of lokaal; woning: elk voor bewoning bestemd of feitelijk daarvoor gebruikt (deel van een) gebouw, bouwwerk (een voor mensen toegankelijke overdekte geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte) of complex van ruimten inclusief bijbehorend erf, zoals; een woonkeet (een loods, keet of ander soortgelijk bouwwerk, bestemd om te voorzien in een behoefte aan woongelegenheid); een woonwagen (voor bewoning bestemd gebouw dat is geplaatst op een standplaats en dat in zijn geheel of in delen kan worden verplaatst); een woonboot; lokaal: elk (deel van een) gebouw, bouwwerk (een voor mensen toegankelijke overdekte geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte) of complex van ruimten inclusief bijbehorend erf, al dan niet toegankelijk voor publiek en niet zijnde een woning, zoals een winkel, café, loods, schuur of bedrijfsruimte. Het feitelijk gebruik van het pand of complex van ruimten is bepalend en niet de uiterlijke kenmerken zoals de bouw of de enkele aanwezigheid van huisraad; bijbehorend erf: het bij een woning behorend erf en/of de zich daarop bevindende overige bebouwing, zoals schuren, loodsen, tuinhuizen, dierenverblijven, garages; een bij een lokaal behorend erf en/of de zich daarop bevindende overige bebouwing. Een voor bewoning bestemde ruimte die niet gebruikt wordt als woning kan aangemerkt worden als lokaal; overtreding: de overtreding van de Opiumwet, waarbij een handelshoeveelheid hard- of softdrugs is aangetroffen dan wel sprake is van (strafbare) voorbereidingshandelingen in een woning of lokaal met bijbehorende (bebouwing op) erven; recidive: het binnen vijf jaren na de datum van de vorige constatering van een overtreding van de Opiumwet, opnieuw constateren van een overtreding van de Opiumwet; sluiting: de last onder (spoedeisende) bestuursdwang waarbij een woning en/of lokaal en/of bijbehorend erf gesloten wordt met toepassing van artikel 13b, eerste lid van de Opiumwet; waarschuwing: een waarschuwing in het kader van het Damoclesbeleid (artikel 13b Opiumwet) is een formele, schriftelijke waarschuwing van de burgemeester aan de eigenaar of bewoner van een pand (woning of lokaal) waarin drugs zijn aangetroffen en/of verhandeld; lachgas: middel zoals vermeld op lijst II behorend bij de Opiumwet.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel