Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2:

Artikel 2:3

Algemene uitgangspunten

Onderdeel van Beleidsregels wet Damocles en wet Victoria Landgraaf 2026

1.. De toepassing van de burgemeestersbevoegdheid op grond van artikel 174a Gemeentewet is een discretionaire bevoegdheid. 2.. De burgemeester is op grond van artikel 174a Gemeentewet – kort gezegd – bevoegd om een woning, een niet voor het publiek toegankelijk lokaal of een bij die woning of dat lokaal behorend erf te sluiten in geval van ernstige verstoring van de openbare orde rondom die woning of dat lokaal. De burgemeester is onder bepaalde omstandigheden ook bevoegd die woning, dat lokaal of bijbehorend erf te sluiten wanneer er ernstige vrees bestaat voor zo’n ernstige openbare ordeverstoring. 3.. Er moet sprake zijn van een ernstige openbare ordeverstoring of een ernstige vrees daartoe. De openbare orde betreft het ordelijk verloop van het gemeenschapsleven ter plaatse. Dat is verstoord als daadwerkelijk effect waarneembaar is op het openbare leven. De ernst, omvang of duurzaamheid van onveiligheids- en angstgevoelens bij mensen kunnen maken dat er sprake is van maatschappelijke onrust en daarmee een verstoring van de openbare orde. 4.. Het toepassen van de burgemeestersbevoegdheid heeft met name als doel: het ordelijk verloop van het gemeenschapsleven ter plaatse te handhaven; rust te brengen in de verstoorde situatie; te voorkomen dat de openbare orde verder of opnieuw wordt verstoord. 5.. De sluiting betreft een bestuurlijke maatregel met een herstellend karakter en geen bestraffende sanctie. 6.. De sluiting van een woning of een lokaal houdt tevens in de sluiting van het bijbehorende erf. Een opgelegde sluiting omvat het gehele perceel. 7.. Het besluit tot sluiting wordt opgelegd aan de rechthebbenden van de woning of het lokaal (eigenaar, verhuurder, huurder, bewoner, exploitant). 8.. Bij de bekendmaking van het besluit worden de belanghebbenden in de gelegenheid gesteld om binnen een te stellen termijn maatregelen te treffen waardoor de ernstige verstoring van de openbare orde wordt beëindigd of voorkomen (artikel 174a lid 4 Gemeentewet). De termijn die wordt verleend, hangt af van de concrete feiten en omstandigheden van het geval. Het zal doorgaans gaan om een termijn van enkele uren tot een paar dagen. 9.. Indien sprake is van een spoedeisend geval kan direct tot spoedsluiting worden overgegaan zonder dat een dergelijke termijn wordt verleend, dus zonder dat de belanghebbenden in de gelegenheid worden gesteld om zelf nog maatregelen te treffen (artikel 174a lid 4 Gemeentewet). Of sprake is van een spoedeisend geval, hangt af van de concrete feiten en omstandigheden van het geval. 10.. Indien feitelijk tot sluiting wordt overgegaan, zal het publiek toegankelijke gebouw, inrichting of ruimte voor eenieder ontoegankelijk worden gemaakt. 11.. Bij de toepassing de burgemeestersbevoegdheid op basis van artikel 174a Gemeentewet kunnen de volgende indicatoren, zijnde niet limitatief en/of cumulatief van aard ook een rol spelen: de ernst van de overtreding; de omvang van de overtreding; het gevaar van de situatie; de onrust in de omgeving; de (voor criminaliteit) kwetsbaarheid van de omgeving; de maatschappelijke impact van de overtreding; signalen met betrekking tot de korte en lange termijn; de betrokkenheid/ persoonlijke verwijtbaarheid / verantwoordelijkheid van betrokken; de aanwezigheid van minderjarige kinderen; de aanwezigheid van anderszins kwetsbare personen; de financiële consequenties voor betrokkenen; de gevolgen ten aanzien van de woonsituatie (bijv. huurontbinding en plaatsing op een zwarte lijst door de woningcorporatie).

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel