Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2:

Artikel 2:8

Procedureverloop en begunstigingstermijn

Onderdeel van Beleidsregels wet Damocles en wet Victoria Landgraaf 2026

1.. De burgemeester kan in geval van (één van) de bovenstaande gronden, zoals bedoeld in de artikelen 2:5 t/m 2:7 van dit hoofdstuk, een besluit tot sluiting opleggen. 2.. De burgemeestersbevoegdheid op basis van artikel 174a Gemeentewet vindt plaats met toepassing van de Algemene wet bestuursrecht. Dit betekent dat, alvorens een definitief besluit over sluiting wordt genomen, belanghebbenden schriftelijk op de hoogte worden gebracht van het voornemen tot sluiting en dat zij in de gelegenheid worden gesteld om binnen 5 werkdagen mondeling of schriftelijk hun zienswijze op het voornemen te geven. 3.. Als begunstigingstermijn bij sluiting wordt een periode van tenminste vijf werkdagen, aanvangend op de dag volgende op verzending van het besluit, aangehouden waarbinnen betrokkene zelf in de gelegenheid wordt gesteld om maatregelen te treffen waardoor de verstoring van de openbare orde (blijvend) wordt beëindigd. Ingeval van een spoedsluiting wordt er afgezien van een begunstigingstermijn. 4.. Er wordt in beginsel gestart met een sluitingstermijn voor de duur van 1 maand, om zo het ordelijk verloop van het gemeenschapsleven ter plaatse te handhaven, rust te brengen in de verstoorde situatie en te voorkomen dat de openbare orde verder of opnieuw wordt verstoord. In afwijking hiervan wordt bij een spoedsluiting in beginsel gestart met een sluitingstermijn voor de duur van 1 week. 5.. Gedurende die maand zal de burgemeester de situatie monitoren. Indien de beoogde doelen zijn behaald en niet langer sprake is van (ernstige vrees voor) ernstige verstoring van de openbare orde, loopt de sluiting na afloop van die maand af. Indien uit feiten en omstandigheden blijkt dat wel nog steeds sprake is van (ernstige vrees voor) ernstige verstoring van de openbare orde, wordt de sluiting na afloop van die maand verlengd voor de duur van een maand. De sluiting zal telkens voor de duur van een maand worden verlengd zolang sprake is van (ernstige vrees voor) ernstige verstoring van de openbare orde. 6.. Indien een sluiting wordt verlengd, zullen belanghebbenden worden gehoord. 7.. De maatregelen worden aangescherpt naarmate vaker in of nabij dezelfde woning of hetzelfde lokaal (ernstige vrees voor) een ernstige verstoring van de openbare orde wordt geconstateerd. Het hoeft daarbij niet om een vergelijkbaar feitencomplex te gaan.

Rechtspraak bij dit artikel