**1..** Draagkracht uit inkomen wordt vastgesteld overeenkomstig artikel 31, 32 en 33 van de wet.
Voor het vaststellen van de draagkracht gelden de onderstaande draagkrachtpercentages voor het inkomen:
15% van het netto inkomen exclusief vakantiegeld boven 110% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm tot een bedrag van € 2.750,00 per jaar;
30% van het netto inkomen exclusief vakantiegeld boven 110% de van toepassing zijnde bijstandsnorm meer dan € 2.750,00 per jaar;
100% van het netto inkomen exclusief vakantiegeld boven de van toepassing zijnde bijstandsnorm in geval van woonkostentoeslag.
**2..** De volgende inkomsten worden niet tot de draagkracht uit inkomen gerekend:
Middelen waarvan de wet bepaalt dat zij niet tot het inkomen behoren (art. 31 lid 2 Pw);
De kostendelersnorm als bedoeld in artikel 22a van de wet, wordt buiten beschouwing gelaten. Voor de van toepassing zijnde bijstandsnorm als bedoeld in artikel 22a lid 3 van de wet moet als de kostdelersnorm van toepassing is, worden gelezen: de norm die van toepassing zou zijn geweest als de kostdelersnorm niet geldt;
Het deel van het netto-inkomen tot 110% van de toepasselijke bijstandsnorm;
**3..** Wanneer een woning wordt bewoond zonder dat de aanvrager woonlasten betaalt, en een derde deze lasten draagt, wordt de bijstandsnorm verlaagd overeenkomstig artikel 27 van de wet. De verlaging bedraagt 10% van de gehuwdennorm inclusief vakantiegeld.
Hoofdstuk 2
Artikel 8
Draagkracht uit inkomen
Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand gemeente Duiven 2026