Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.5

Plan en besluit voorziening

Onderdeel van Beleidsregels Wmo Gemeente Vijfheerenlanden 2026

(Verkorte) procedure In uitzonderingsgevallen kan het college een aanvraagformulier gebruiken om snel een voorziening te kunnen verstrekken. Dit kan bijvoorbeeld bij een spoedaanvraag als er snel ondersteuning nodig is en de uitkomst van het (hele) onderzoek (bijvoorbeeld van medisch advies) niet afgewacht kan worden. Ook kan het college, als dit nodig wordt gevonden, op andere wijze van de procedure afwijken door bijvoorbeeld het onderzoek door (andere) hulpverleners te laten uitvoeren. Dat kunnen bijvoorbeeld wijkverpleegkundigen zijn, die bij de inwoner betrokken zijn, de situatie kennen, de ondersteuningsbehoefte kunnen inschatten en in een plan kunnen aanleveren. Als het college afwijkt van de normale procedure, geeft het college dit in de besluitvorming aan. Digitale verzending behoort tevens tot de mogelijkheden. Niet terugsturen Plan of aanvraagformulier Een inwoner kan een aanvraag indienen, door een ondertekend Plan of een (digitaal) aanvraagformulier in te vullen, en ondertekend terug te sturen. Mocht het college de aanvraag niet ontvangen, zijn er twee mogelijkheden: Als tijdens het gesprek een oplossing is gevonden voor de ondersteuningsvraag die niet opgelost hoeft te worden door het college (bijv. algemene voorziening, doorverwijzing, voorliggende voorziening etc.), onderneemt het college geen verdere actie als de inwoner niet alsnog een aanvraag indient. Het college sluit de ondersteuningsvraag af en informeert de inwoner hierover. Voor alle overige situaties stuurt het college de inwoner eenmalig een herinnering met een termijn van 14 dagen om het Plan of aanvraagformulier alsnog retour te sturen. Als de inwoner niet reageert, geen aanvraag indient, wordt de ondersteuningsvraag afgesloten. Duur indicatie De duur van de indicatie wordt door het college bepaald aan de hand van de aard en omvang van de beperking(en) en belemmering(en), de situatie en is altijd maatwerk. Voor een hulpmiddel gefinancierd door middel van een persoonsgebonden budget (hierna; pgb) stelt het college de termijn van de indicatie in beginsel gelijk aan de periode van de economische/technische afschrijving. De afschrijving wordt definitief bepaald aan de hand van een onafhankelijk technisch afkeurrapport. Deze economische/technische afschrijvingstermijn wordt hieronder aangegeven. Afschrijving en vervanging van hulpmiddelen Het college hanteert in beginsel de volgende termijnen voor het bepalen van de economische/technische afschrijving voor hulpmiddelen: badlift 5 jaar Douche en toilethulpmiddel 5 jaar kind voorziening 5 jaar kinderduwwandelwagen (handbewogen of elektrisch) 5 jaar driewielfiets, tandemfiets of andere fiets al dan niet met trapondersteuning 7 jaar duo-fiets (achter elkaar, niet naast elkaar) 7 jaar elektrische aandrijfunit voor rolstoel /duwondersteuning 7 jaar rolstoel (handbewogen of elektrisch) 7 jaar rolstoelfiets 7 jaar scootmobiel 7 jaar tillift (actief/passief) 7 jaar traplift 10 jaar elektrische deurdrangers 14 jaar plafondtillift 14 jaar woningaanpassingen 14 jaar Indicatie voor onbepaalde tijd Als duidelijk is dat de ondersteuningsbehoefte van een inwoner, ongeacht leeftijd, zeer waarschijnlijk niet wijzigt kan, indien noodzakelijk, een voorziening voor onbepaalde tijd toegekend worden. Als een voorziening op basis van een budget wordt verstrekt, kan het college de termijn van het budget wel begrenzen. Voor de verlenging is meestal geen nieuw onderzoek nodig, het college kan, indien nodig, het budget herzien.

Rechtspraak bij dit artikel