Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1:

Artikel 1.1.

Begripsbepalingen

Onderdeel van Nadere regels voor deelbakfietsen Amsterdam 2026

aanvrager: een aanbieder van deelvoertuigen, die een vergunning wenst ten behoeve van het aanbieden van deelbakfietsen in de openbare ruimte; college: het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam; bakfiets: fiets met laadbak geschikt voor vervoeren van bijvoorbeeld goederen of kinderen, al dan niet voorzien van elektrische hulpmotor waarvan de aandrijfkracht geleidelijk vermindert en ten slotte wordt onderbroken wanneer het voertuig een snelheid van 25 km/u bereikt, of eerder, indien de bestuurder ophoudt met trappen; (buurt)hub: een clustering van deelvoertuigen, waarbij de gemeente zorgdraagt voor de aanleg van de benodigde fysieke infrastructuur of welke de vergunninghouder digitaal zichtbaar maakt; deelvoertuig: de in deze Regel bedoelde deelbakfietsen; gebruikers: bewoners, ondernemers en bezoekers die gebruikmaken van de deelvoertuigen, ook wel bestuurder; fietsparkeervoorziening; een door de gemeente aangewezen plek om deelbakfietsen te parkeren, bijvoorbeeld een fietsenrek, een nietje, een buurthub of een (digitaal) bakfietsparkeervak. fietsenrek: Een duurzaam verankerd rek in de openbare ruimte voor het stallen van fietsen. MaaS: het aanbod van verschillende soorten mobiliteitsdiensten, waarbij op maat gemaakte reismogelijkheden via een digitaal platform met real-time informatie aan klanten worden aangeboden, door klanten worden geboekt, betaald en transacties worden afgehandeld; servicegebied: een servicegebied is het gebied waarin de huur van een deelvoertuig gestart en beëindigd kan worden. Dit is te herkennen aan de geografische kaarten waar aanbieders van deelmobiliteit het aanbod op tonen; vergunning: vergunning om deelbakfietsen op of aan de weg ter gebruik aan derden aan te bieden tegen betaling of anderszins met commerciële doeleinden, als bedoeld in artikel 2.50A van de verordening; verordening: Algemene Plaatselijke Verordening 2008; voertuig: voertuig als bedoeld in artikel 2.50A van de verordening; verbodsgebied: een verbodsgebied is een door het college aangewezen gebied waar het in de openbare buitenruimte voor gebruikers verboden is om een huurperiode te starten of te beëindigen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel