Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5 › Paragraaf 5.4

Artikel 47.

Reiskosten schoolgaande kinderen

Onderdeel van Beleidsregels Participatiewet, Ioaw, Ioaz en Bbz Ooststellingwerf 2026

1.. Voor reiskosten van ten laste komende schoolgaande minderjarige kinderen kan bijzondere bijstand worden verleend. Hoofdregel is hierbij dat scholing van ten laste komende kinderen jonger dan 18 jaar altijd noodzakelijk is. In deze gevallen moet beoordeeld worden of de gekozen schoolsoort noodzakelijk is. Voorwaarden zijn: Er is geen redelijk alternatief op kortere reisafstand én; Alle voorliggende voorzieningen zijn uitgeput. Denk aan Wet Tegemoetkoming onderwijsbijdrage en studiekosten (Wtos), leerlingenvervoer, hulp van het opleidingsinstituut, etc. én; Omdat kinderen die na de basisschool hun middelbare schoolopleiding of een vervolgopleiding (bijv. MBO) gaan volgen geacht worden een afstand tot en met 15 kilometer te kunnen overbruggen per (elektrische) fiets of brommer. Er wordt bij openbaar vervoer uitgegaan van de kortste afstand tussen het woonadres van de belanghebbende en het adres van de school. 2.. Bij de berekening van de hoogte van de bijzondere bijstand wordt uitgegaan van de laagste tarieven van een openbaar vervoer maandabonnement. 3.. Per volledig schooljaar komt maximaal 10 keer de kosten van een maandabonnement in aanmerking voor bijzondere bijstand. Dit tenzij een jaarabonnement goedkoper is. 4.. De in het eerste en tweede lid vastgestelde bijzondere bijstand wordt onder aftrek van de eigen bijdrage uitgekeerd. Deze eigen bijdrage betreft maandelijks € 25,00.

Rechtspraak bij dit artikel