Paragraaf 17 van het Waterschapsbesluit is van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat het onderzoek van de geloofsbrieven door het algemeen bestuur van elk van beide op te heffen waterschappen en de beslissing of de benoemde als lid wordt toegelaten door dat bestuur geen betrekking kan hebben onderscheidenlijk niet gebaseerd kan zijn op punten die het verloop van de verkiezing raken.