Tot aan het tijdstip waarop de benoeming van de dijkgraaf, bedoeld in artikel 46 van de Waterschapswet, heeft plaatsgevonden, treedt een interim-dijkgraaf op. Deze interim-dijkgraaf wordt door gedeputeerde staten uiterlijk vier weken voor de datum van instelling benoemd op basis van een voordracht van de voorbereidingscommissie, bedoeld in artikel 5.9. De artikelen 3.24 tot en met 3.41 van het Waterschapsbesluit en de vijfde afdeling van de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers zijn van overeenkomstige toepassing op de interimdijkgraaf.
HOOFDSTUK 5 › § 4.
Artikel 5.20
Interim-dijkgraaf
Onderdeel van Reglement waterschap Vallei en Veluwe