Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 2.4

Berekening

Onderdeel van Subsidieregeling Milieu, Dier & Natuur gemeente Hulst 2026

Bij het besluiten over de mogelijke verlening van een subsidie houdt het college rekening met het eigen vermogen van de aanvrager. Hieronder wordt verstaan het feitelijk aanwezige, in beginsel vrij aanwendbare vermogen. Een eigen vermogen van 10% van de feitelijke of geschatte totale jaarlijkse exploitatieomvang van de aanvrager wordt als weerstandsvermogen aangemerkt en bij het besluiten over de mogelijke verlening van een subsidie buiten beschouwing gelaten. De door de aanvrager aan deelnemers of gebruikers te vragen bijdragen dienen op een naar het oordeel van het college aanvaardbaar peil te liggen. Bij subsidieaanvragen van € 50.000,-- of meer komen uitsluitend directiekosten voor subsidie in aanmerking tot een maximum van functieschaal 14, CAO Gemeenten. Het betreft de CAO Gemeenten die geldt op het moment van subsidieaanvraag (indicatie: max. € 8.580,-- per 1 juli 2026, volgens CAO Gemeenten 2025-2027). Onder subsidiabele directiekosten worden verstaan de directiekosten zoals opgenomen in de begroting die onderdeel uitmaakt van de subsidieaanvraag als bedoeld in artikel 6, tweede lid, onder c, van de Algemene subsidieverordening gemeente Hulst 2020.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel