Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Sanctieprotocol

Onderdeel van Uitvoeringsbesluit Taxiverordening Eindhoven 2025

1.. Het sanctieprotocol moet minimaal bevatten een overzicht van alle in het normen- en waardenprotocol genoemde normen en waarden en de door de TTO aan aangeslotenen op te leggen maatregelen bij schending van een norm of waarde. 2.. De maatregelen die worden opgelegd bij schending van een norm of waarde zijn mede afhankelijk van de soort, ernst en het aantal eerdere schendingen door de aangeslotene. Indien en voor zover van toepassing zijn de maatregelen bij herhaalde schending zwaarder. 3.. Het sanctieprotocol moet voorzien in de bevoegdheid van de TTO om een aangeslotene te schorsen of uit te sluiten. 4.. De TTO moet de aansluiting direct beëindigen als een aangeslotene: niet (meer) beschikt over een geldige op diens naam gestelde taxipas of lokaal kwaliteitskeurmerk of rijdt zonder een door de gemeente goedgekeurd daklicht, waaraan ook de categorie taxi herkenbaar is; zich in een periode van drie jaar (meer dan eens) schuldig maakt aan: verbaal of lichamelijk geweld jegens een consument, toezichthouder of verkeersregelaar; incorrect gebruik van de busbaan of gebruik van de busbaan waar dat voor die categorie taxi niet is toegestaan. 5.. Het sanctieprotocol moet voorts bevatten: een redelijke termijn waarbinnen de TTO beslist over de naar aanleiding van de geconstateerde norm schending op te leggen maatregel en de periode waarbinnen de TTO deze maatregel oplegt; de wijze waarop de TTO een beslissing neemt over de op te leggen maatregel; de handelwijze van de TTO ten aanzien van de controle op de uitvoering van de opgelegde maatregel.

Rechtspraak bij dit artikel