Na de onderzoeksfase, waarvoor een termijn van zes weken geldt, wordt de melding een aanvraag. Een ondertekend gespreksverslag is de aanvraag.
Regelarm
Om de afhandeling van en de besluitvorming omtrent een melding regelarm te organiseren, wordt er in principe geen gebruik gemaakt van een apart, door het college beschikbaar gesteld, aanvraagformulier. Indien uit het onderzoek blijkt dat een maatwerkvoorziening noodzakelijk is, vloeit er uit het door cliënt en consulent ondertekende gespreksverslag een aanvraag voort waarop een besluit wordt genomen, tenzij de situatie van de cliënt tussentijds is gewijzigd.
Keuzevrijheid
Op basis van de Wmo wordt de cliënt de keuze geboden om een maatwerkvoorziening aan te vragen in natura of middels een pgb. Voor maatwerkvoorzieningen in natura geldt dat het college een overeenkomst heeft afgesloten met aanbieders en leveranciers. De cliënt kan zelf een keuze maken uit deze aanbieders en leveranciers. Indien de cliënt gebruik wenst te maken van een andere aanbieder of leverancier dan door de gemeente gecontracteerd, kan dit middels een pgb. Een pgb kan worden ingezet om te ondersteunen bij een beperking. Een pgb wordt niet ingezet met inkomensondersteuning als doel.
In de Wmo is bepaald dat er ten aanzien van het verstrekken van een pgb uitzonderingen mogelijk zijn op de keuzevrijheid; daar waar er sprake is van zogeheten ‘overwegende bezwaren’ kan het college besluiten om geen pgb te verstrekken.
Wisselen van ondersteuningsverlener
Indien de cliënt aangeeft te willen wisselen van zorgaanbieder kan dat maximaal eenmaal per jaar en zal door de gemeente naar de reden hiervan worden gevraagd. Hieruit kan een heronderzoek voortkomen. Indien er vaker door een cliënt de wens tot wisseling van ondersteuningsverlener wordt uitgesproken, zal worden onderzocht wat de reden van de wisseling is. De cliënt kan tweemaal per jaar wisselen tussen zorg in natura en pgb.