Naar hoofdinhoud
Voor de belanghebbende jonger dan 65 jaar die: alleenstaande is, of woonachtig is in een gezamenlijke huishouding, en bij wie geen kinderen inwonend zijn, bedraagt de maximale inkomensgrens 130% van de toepasselijke bruto bijstandsnorm; die alleenstaande is, of woonachtig is in een gezamenlijke huishouding, en bij wie één of meer kinderen inwonend zijn zonder inkomen of uitsluitend een tegemoetkoming op grond van de Wet Studiefinanciering, bedraagt de maximale inkomensgrens 150% van de toepasselijke bruto bijstandsnorm. Voor de belanghebbende ouder dan 65 jaar die: alleenstaande is, of woonachtig is in een gezamenlijke huishouding, en bij wie geen kinderen inwonend zijn, bedraagt de maximale inkomensgrens 130% van de toepasselijke bruto uitkering gevolge de Algemene ouderdomswet; alleenstaande is, of woonachtig is in een gezamenlijke huishouding, en bij wie één of meer kinderen inwonend zijn zonder inkomen of uitsluitend een tegemoetkoming op grond van de Wet Studiefinanciering, bedraagt de maximale inkomensgrens 150% van de toepasselijke bruto uitkering gevolge de Algemene ouderdomswet. Voor de toepassing van het eerste lid blijft de kostendelersnorm buiten toepassing.

Rechtspraak bij dit artikel