Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6

Artikel 15.

Verantwoording en vaststelling subsidies vanaf 5.000 euro

Onderdeel van Algemene subsidieverordening Zoeterwoude 2026

1.. Als het verleende subsidiebedrag meer bedraagt dan € 5.000, stuurt de subsidieontvanger ten behoeve van de subsidievaststelling, binnen 4 maanden na afloop van de subsidieperiode waarvoor de subsidie is verleend, het college de jaarstukken met een toelichting. De subsidieontvanger verzoekt het college de subsidie definitief vast te stellen 2.. Als het college de jaarstukken niet binnen 4 maanden na afloop van de subsidieperiode heeft ontvangen, dient de subsidieontvanger gemotiveerd uitstel aan te vragen waarna uitstel kan worden verleend tot een nader te bepalen datum. 3.. Als de subsidieontvanger de gevraagde gegevens niet of niet volledig instuurt, kan het college overgaan tot lagere vaststelling van het subsidiebedrag, in het uiterste geval op nihil. 4.. Subsidieontvangers met een subsidie hoger dan € 50.000, sturen een accountants- of samenstellingsverklaring mee. Bij een subsidieverlening onder de € 50.000 kan in de subsidiebeschikking verzocht worden een accountants- of samenstellingsverklaring te overleggen. 5.. Subsidieontvangers met een subsidie hoger dan € 125.000 sturen een accountantsverklaring mee met de aanvraag tot subsidievaststelling. 6.. Het college stelt, binnen 6 maanden na ontvangst van de in artikel 1 genoemde stukken, de subsidie vast. 7.. Het college kan bepalen dat een ontvanger van een subsidie van meer dan € 5.000 geen jaarrekening als bedoeld in lid 1 hoeft toe te zenden. De subsidie wordt dan ambtshalve vastgesteld binnen 13 weken na afloop van het boekjaar waarvoor subsidie is verleend.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel