Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1.

Artikel 1.1.

Inleiding

Onderdeel van Beleidsregels uitwegen gemeente Voorst 2026

Regelmatig wordt de gemeente om vergunning gevraagd voor het maken, hebben of veranderen van uitwegen ten behoeve van woonhuizen, bedrijven, instellingen, agrarische gronden etc. In artikel 2.1.5.3. van de Algemene plaatselijke verordening (hierna: Apv) is geregeld dat de handeling van aanvragen om vergunning voor het maken, het hebben of het (gebruik) veranderen van een uitweg bij het college van burgemeester en wethouders (hierna: college) berust. Een aanvraag voor een omgevingsvergunning wordt ingediend via het Omgevingsloket, dat onderdeel is van het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). Voor het in behandeling nemen van de aanvraag worden leges in rekening gebracht, wat betekent dat er ook leges verschuldigd zijn als er uiteindelijk geen vergunning voor de uitweg wordt verleend. De afweging die het college maakt bij het al dan niet vergunnen van een uitweg is essentieel. In de Apv zijn voor de beoordeling van aanvragen om een vergunning weigeringsgronden opgenomen. Om, in lijn met de Apv, een eenduidige invulling te geven aan deze weigeringsgronden geeft het college in de "Beleidsregels uitwegen gemeente Voorst 2026" een concreet toetsingskader voor het verlenen of weigeren van een omgevingsvergunning. Een duidelijk en eenduidig toetsingskader bevordert een consequente en consistente afhandeling van aanvragen voor omgevingsvergunningen die zien op het aanleggen, hebben of veranderen van uitwegen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel