Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 9 › Paragraaf 9.2

Artikel 9.2.1

Ruig gras (bermen)

Onderdeel van Leidraad Inrichting Openbare Ruimte 2026

Sortiment: bij aanleg kan worden gekozen voor spontane ontwikkeling of inzaaien; Spontane ontwikkeling alleen mogelijk in buitengebied of langs gebiedsontsluitingswegen; Samenstelling bermmengsels per locatie te bepalen (eventueel een kruidenmengsel). In het beheer aandacht voor ongewenste kruiden; Breedte bermen en grasstroken zonder bomen minimaal 2,00 m; Indien de berm te smal is voor een groenvoorziening (<1,00 m) kan worden gekozen voor een opvulling met een gesloten verharding; Breedte bermen en grasstroken met bomen minimaal 3,50 m; Afstand tussen obstakels in bermen minimaal 3,50 m; De grond wordt voor het inzaaien gefreesd tot een diepte van 0,15 m en indien nodig gespit (RAW 51.02.01-08); Indringingsweerstand van de grond bedraagt na aandrukken 1 tot 1,5 MPa tot een diepte van 0,75 m; Bij bermen ter plaatse van brievenbussen en afvalbakken het gras verstevigen met grasbetontegels.

Rechtspraak bij dit artikel