Awb: Algemene wet bestuursrecht;
Pw: Participatiewet;
IOAW: wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers.
IOAZ: wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen
belanghebbende: een belanghebbende in de zin van artikel 1:2 lid 1 van de Awb. Een persoon wiens belang rechtstreeks bij een besluit is betrokken;
college: het college van de burgemeester en wethouders van de gemeente Ermelo;
debiteur: de persoon op wie de gemeente een geldvordering heeft.
inwoner: de burger die in de gemeente Ermelo woont.
uitkering: (leen) bijstand of inkomensvoorziening op grond van de Pw, de IOAW of IOAZ;
leenbijstand: de als renteloze lening verstrekte algemene bijstand op grond van artikel 48 lid 2 Pw.
inlichtingenplicht: verplichting genoemd in artikel 17 lid 1 Pw, artikel 13 lid 1 IOAW, artikel 13 lid 1 IOAZ en artikel 30c lid 2 en 3 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;
herziening: herziening van het recht op bijstand is het opnieuw beoordelen van het recht op bijstand over een periode in het verleden, waarbij het recht op bijstand afwijkend kan worden vastgesteld;
boete: bestuurlijke boete zoals bedoeld in artikel 18a Pw en artikel 20a van de IOAW / IOAZ;
terugvordering: de vaststelling van het bedrag aan uitkering waar de inwoner geen recht (meer) op heeft en tevens de grondslag om het geld terug te betalen, op grond van artikel 58 Pw, artikel 25 van de IOAW of IOAZ.
invordering: het innen van de vordering en de boete;
bruteren: verhogen van de vordering zoals bedoeld in artikel 58 lid 5 Pw. Het verhogen van de vordering met de loonbelasting en premies volksverzekeringen waarvoor de gemeente die de uitkering verstrekt krachtens de Wet op de loonbelasting 1964 inhoudingsplichtig is, voor zover deze belasting en premies niet verrekend kunnen worden met de door het college af te dragen loonbelasting en premies volksverzekeringen.
aflossingscapaciteit: het bedrag dat de debiteur kan aflossen. Dit bedrag hangt af van het inkomen, het vermogen en de waarde van de bezittingen waarover de debiteur beschikt of redelijkerwijs kan beschikken;
schuldregeling: een minnelijke of wettelijke schuldregeling of saneringskrediet, waarbij de debiteur minimaal 18 maanden zijn volledige aflossingscapaciteit inzet en de schuldregeling eindigt met finale kwijting van de schulden.
opzet: het willens en wetens handelen of nalaten gericht op het ten onrechte of tot een te hoog bedrag aan bijstand ontvangen.
grove schuld: ernstig nalatig of verwijtbaar slordig handelen aan opzet grenzend, wat ertoe heeft geleid dat er ten onrechte of tot een te hoog bedrag aan uitkering is ontvangen.
normale verwijtbaarheid: verwijtbaar gedrag middels schending inlichtingenplicht zonder verzachtende (verminderde verwijtbaarheid) of verzwarende omstandigheden (opzet of grove schuld).
verminderde verwijtbaarheid: omstandigheden tijdens de schending van de inlichtingenplicht die ervoor zorgen dat het belanghebbende niet zwaar aan te rekenen valt dat hij de inlichtingenplicht heeft geschonden.
HOOFDSTUK 1.
Artikel 1.
Begrippen
Onderdeel van Beleidsregels terugvordering, invordering en boete voor de Participatiewet, IOAW en IOAZ Ermelo, Harderwijk en Zeewolde 2026