Naar hoofdinhoud

Artikel 2.1

Beschikbare individuele voorzieningen

Onderdeel van Verordening jeugdhulp Midden-Delfland 2026

1. . De gemeente voorziet in de volgende beschikbare individuele voorzieningen: (hoog)specialistische jeugdhulp: niet-vrij toegankelijke jeugdhulp (in natura) zoals bedoeld in de Jeugdwet, zijnde multidisciplinaire behandeling c.q. behandeling van problematiek van de jeugdige op meerdere levensgebieden; ambulante opvoedondersteuning: ondersteuning aan ouders bij het bieden van een veilig opvoedklimaat aan de jeugdige; begeleiding individueel: activiteiten gericht op het bevorderen van deelname aan het maatschappelijk verkeer en het zelfstandig functioneren van de jeugdige; begeleiding groep: activiteiten in groepsverband gericht op het bevorderen van deelname aan het maatschappelijk verkeer en het zelfstandig functioneren van de jeugdige, gericht op dagstructuur, sociale interactie, zelfvertrouwen en gedragsvaardigheden; behandeling scheidingsproblematiek: hulp gericht op gezinnen waarbij sprake is van complexe scheidingsproblematiek, met als gevolg dat de ontwikkeling van de jeugdige dusdanig belemmerd wordt dat er sprake is van psychische problematiek bij de jeugdige of een aanmerkelijke kans daarop; crisishulp: acute hulp aan jeugdigen en ouders bij urgente veiligheidsrisico’s en bij het stabiliseren van spoedeisende opvoedproblemen, zodat de veiligheid wordt hersteld en gewaarborgd, en ook de begeleiding naar passende vervolghulp. Deze wordt zo nodig afgestemd met Veilig Thuis of andere crisisinterventieteams; crisisopvang: residentiële opvang voor jeugdigen waarbij de problematiek zo ernstig is dat thuis blijven wonen (tijdelijk) geen optie is; dagbehandeling: activiteiten in groepsverband gericht op het bevorderen van deelname aan het maatschappelijk verkeer en het zelfstandig functioneren van de jeugdige, met aanvullend behandeling; dagbesteding: activiteiten in groepsverband gericht op het aanbrengen van dagstructuur en een zinvolle daginvulling, aangepast op de ontwikkelmogelijkheden en interesses van de jeugdige; gezinsbegeleiding: hulp in de thuissituatie aan ouder(s) en/of de jeugdige gericht op het bieden van een veilig opvoedklimaat voor de jeugdige, waarbij ouder(s) inzicht en hulp krijgen in de beperking of problematiek van hun kind of zichzelf, in de interactie tussen gezinsleden en de invloed daarvan op hun kind(eren), en kan systeemgericht worden ingezet; jeugd-ggz: hulp en zorg aan jeugdigen met een psychische stoornis die dusdanig ernstig is dat zij daardoor in hun ontwikkeling worden bedreigd. De hulp en zorg is gericht op het verminderen, stabiliseren, behandelen en opheffen van of leren omgaan met de gevolgen van een psychische stoornis; persoonlijke verzorging: het ondersteunen bij of het overnemen van activiteiten gericht op het opheffen van een tekort aan zelfredzaamheid bij algemene dagelijkse levensverrichtingen; pleegzorg: vorm van hulp waarbij een jeugdige (tijdelijk) deel uitmaakt van een pleeggezin. De jeugdige wordt door de pleegouders verzorgd en opgevoed. Deze vorm van hulp kan doorlopen tot 23 jaar indien noodzakelijk; Poortwachter: een dyslexie-expert, die het college heeft gecontracteerd en geen jeugdhulpaanbieder is. De Poortwachter is verantwoordelijk voor controle van het leerlingdossier en adviseert het college over de toegang tot dyslexiezorg, op verzoek van jeugdige en ouders/vertegenwoordiger; dyslexiezorg: bestaande uit diagnostiek bij een vermoeden van ernstige dyslexie en behandeling van ernstige dyslexie van kinderen in de leeftijd tussen 7 en 12 jaar. Hierbij worden de richtlijnen van het Nederlands Kennisinstituut Dyslexie (NKD) gevolgd, wat inhoudt: Dat uit 3 Cito-toetsen (of vergelijkbare toetsen) na elkaar blijkt dat de jeugdige een grote achterstand heeft op technisch lezen en op woordniveau. Tussen deze toetsen zit iedere keer minimaal 6 maanden. Bij Cito-toetsen betekent dit dat de jeugdige een E- of V- min score heeft op lezen; en, De school heeft aantoonbaar extra begeleiding aangeboden. Deze begeleiding moet voldoen aan de eisen die staan omschreven in de ‘Brede vakinhoudelijke Richtlijn Dyslexie’ waaronder minimaal ondersteuningsniveau 3; en, de lees- en spellingsproblemen niet voortkomen uit laaggeletterdheid. vaktherapie: non-verbale behandelvorm die uitgaat van doen en ervaren. Onder vaktherapie vallen de volgende behandelvormen: beeldende therapie, danstherapie, dramatherapie, muziektherapie, psychomotorische (kinder)therapie en speltherapie. intramurale voorziening: jeugdhulp waarbij sprake is van opname, verblijf en jeugdhulp in een residentiële voorziening al dan niet op basis van een machtiging uithuisplaatsing landelijke individuele voorzieningen: jeugdhulp die geboden wordt door landelijk gecontracteerde jeugdhulpaanbieders met een specialistische functie binnen de kaders van de door de Vereniging voor Nederlandse Gemeenten afgesloten raamcontracten. onafhankelijke vertrouwenspersoon: dit is een landelijk georganiseerde voorziening. Wanneer cliënten een klacht willen indienen tegen een jeugdhulp professional, kunnen zij hier terecht. vervoer: het vervoer van een jeugdige van en naar de locatie waar de jeugdhulp wordt geboden zoals staat omschreven in de wet. 2. . Het Servicebureau Jeugdhulp Haaglanden maakt op www.sbjh.nl bekend welke aanbieders individuele voorzieningen in welke categorie uitvoeren.

Rechtspraak bij dit artikel