Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 4.2

Ouder -en kindhuis

Onderdeel van COLLEGEBESLUIT TOT VASTSTELLING VAN BELEIDSREGELS JEUGDHULP VEENENDAAL

Een Ouder- en Kindhuis (ook wel Moeder- en kindhuis, MKH) is een vorm van verblijf waar (jonge) ouders (in de regel vaak moeders) tijdelijk met hun kind(eren) kunnen wonen en intensieve begeleiding krijgen bij het ouderschap en het opbouwen van een zelfstandig bestaan. De inzet van een MKH raakt vaak aan zowel jeugdhulp als ondersteuning op grond van de Wmo of behandeling via de Zvw. Een zorgvuldige afweging is daarom essentieel. Een MKH kan vanuit de Jeugdwet worden ingezet uitsluitend wanneer er sprake is van een hulpvraag voor het (ongeboren) kind, en ambulante vormen van jeugdhulp onvoldoende toereikend zijn. De problematiek moet dusdanig zijn dat de veiligheid, ontwikkeling of het opvoedperspectief van het kind zonder deze voorziening in het geding komt. Belangrijke voorwaarden: De hulp is gericht op de jeugdige (veiligheid, ontwikkeling, hechting); Er is intensieve begeleiding, dagelijkse beschikbaarheid van hulpverlening en toezicht nodig die alleen in een verblijfssetting geboden kan worden; De inzet voldoet aan het principe van 'goedkoopst adequaat’: ambulante hulp is onvoldoende effectief of niet passend; Ontbreken van netwerk of veilige thuissituatie: er is geen stabiel of veilig netwerk beschikbaar dat ondersteuning kan bieden.

Rechtspraak bij dit artikel