**1..** Het college kan op aanvraag voorzieningen als vervoersvoorzieningen, intermediaire activiteit en meeneembare voorzieningen verstrekken ten behoeve van een persoon met een arbeidsbeperking die behoort tot de doelgroep.
**2..** Bij de toekenning van de in het eerste lid bedoelde voorzieningen gelden de volgende voorwaarden:
de persoon kan zonder deze vorm van ondersteuning niet aan het arbeidsproces deelnemen;
de werkgever biedt een dienstbetrekking aan van minimaal zes maanden, met een minimale arbeidsduur van 8 uur per week;
het betreft geen Arbo-taak waarvoor de werkgever verantwoordelijk is;
het betreft geen meeneembare voorziening die tot de standaarduitrusting van de werkgever behoort of algemeen gebruikelijk is in een organisatie;
er is naar het oordeel van het college geen sprake van een werkplekaanpassing die in zijn algemeenheid van de werkgever kan worden verlangd; en
de kosten van de voorziening(en) zijn naar het oordeel van het college proportioneel, dat wil zeggen dat de investering in de voorziening moet opwegen tegen de maatschappelijke opbrengsten van uitstroom naar werk.
**3..** Het college bepaalt na overleg met belanghebbende, en indien van toepassing met de werkgever, welke ondersteuning of voorziening(en) het beste kunnen bijdragen aan de arbeidsinschakeling.
**4..** Het college kan bij nadere regels bepalen dat voor een voorziening een eigen bijdrage is verschuldigd of dat een voorziening niet wordt verstrekt of wordt beëindigd indien het inkomen of vermogen van de belanghebbende meer bedraagt dan een door het college vast te stellen bedrag.
Hoofdstuk 3. › Paragraaf 3.5.
Artikel 16.
Algemene bepalingen voor vervoersvoorzieningen, intermediaire activiteit, meeneembare voorzieningen
Onderdeel van Re-integratieverordening Participatiewet 2024 gemeente Zevenaar