Naar hoofdinhoud
1.. De houder verantwoordt de besteding van de subsidie door kwantitatieve gegevens in de Peutermonitor aan te leveren. Hiervoor levert de aanvrager voor elk kwartaal van het jaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd, per peuter per maand tenminste de volgende informatie aan: betreffend kwartaal, maand, locatie en LRK-nummer; BSN; NAW-gegevens; geboortedatum; inkomen ouders, eerste kind ja/nee, vve-indicatie ja/nee, kinderopvangtoeslag ja/nee, startdatum peuteropvang, (verwachte) einddatum peuteropvang, aantal uren regulier aanbod, aantal uren aanvullend aanbod. Deze gegevens worden aangeleverd voor zowel reeds geplaatste peuters als voor peuters die een reservering voor peuteropvang in de toekomst hebben bij de aanvrager. 2.. Voor 1 juni van het jaar, dat volgt op het betrokken kalenderjaar waarvoor de subsidie is verleend, dient de houder een aanvraag tot vaststelling in. 3.. Voor de verantwoording van de subsidie levert de houder naast het in lid 1 gestelde een inhoudelijk verslag aan van maximaal 2 A4 waaruit blijkt in hoeverre de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht en aan de verplichtingen is voldaan. 4.. De houder vergezelt de verantwoording van een door een accountant goedgekeurde jaarrekening.

Rechtspraak bij dit artikel