In de verkenningsfase wordt gewerkt naar een principebesluit door het college in het kader van een Ruimte voor het landschap project met inbegrip van een intentieovereenkomst. In deze fase wordt samen met de agrariër een globale stedenbouwkundige opzet en landschappelijk plan voor de transformatie opgesteld op hoofdlijnen. Op dit moment is er ruimte voor de agrariër om ook zijn of haar wensen voor de toekomst kenbaar te maken. Op basis van de ruimtelijk-landschappelijke mogelijkheden wordt gekeken welke toekomstige situatie mogelijk en passend is binnen de gestelde ambities van de gemeente en passend binnen de provinciale kaders. Dit proces vindt plaats aan de zogeheten intaketafel die de wenselijkheid van voorgestelde projecten beoordeelt. Deze toets maakt onderdeel uit van het te nemen principebesluit door het college.
De verkenningsfase is nadrukkelijk bedoeld om te verkennen of een project een wenselijke ontwikkeling is en op hoofdlijnen kansrijk. Daarnaast moet een globale indicatie worden gemaakt of er een bijdrage uit het vereveningsfonds moet komen. In deze fase wordt op stedenbouw/landschap en agrarisch gebied advies gegeven. Het is niet de bedoeling op dat moment om op detailniveau te kijken naar de ontwikkeling. Met voldoende inbreng van de agrariër en een maximum van twee overleggen moet bovenstaande duidelijk worden en moet het college tot een principebesluit kunnen komen. Het college sluit met de initiatiefnemer tegelijkertijd met het nemen van een principebesluit een intentieovereenkomst, met als doel het verhalen van de vanaf dat moment te maken ambtelijke kosten.
Hoofdstuk 5. › Paragraaf 5.3
Artikel 5.3.2
Verkenningsfase
Onderdeel van Nota Ruimte voor het Landschap 2026