Naar hoofdinhoud
In deze regeling wordt verstaan onder: 1. Kinderopvangorganisatie: een exploitant die zich bezighoudt met het bedrijfsmatig verzorgen, opvoeden en bijdragen aan de ontwikkeling van de opvang van kinderen, zoals bedoeld in de wet en geregistreerd staat in het Landelijk Register Kinderopvang. 2. Kinderopvangtoeslag: een tegemoetkoming van het Rijk als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder h, van de Algemene Wet inkomensafhankelijke regelingen in de kosten van kinderopvang. 3. Kinderopvangtoeslagtabel: een tabel waarin terug te vinden is welk bedrag ouders terugkrijgen voor de kinderopvang via de Belastingdienst. Dit is inkomensafhankelijk. 4. Landelijk Register Kinderopvang (LRK): het landelijk register, zoals bedoeld in de wet, waarin alle gastouderbureaus, gastouders, kinderdagverblijven en organisaties voor buitenschoolse opvang zijn opgenomen die voldoen aan de wettelijke kwaliteitseisen. 5. Ouder: de juridische ouder of wettelijk vertegenwoordiger van een peuter. 6. Ouderbijdrage: financiële vergoeding die ouders moeten betalen voor de afname van peuteropvang. De hoogte van de ouderbijdrage wordt bepaald aan de hand van de tabel kinderopvangtoeslag van de Belastingdienst. 7. Ouderverklaring: een door de ouder(s) ondertekende verklaring, voorzien van bewijsstukken waaruit blijkt dat geen aanspraak kan worden gemaakt op kinderopvangtoeslag. 8. Peuter: een kind in de leeftijd van 2 tot 4 jaar en ingeschreven in de basisregistratie personen van de gemeente Baarn. 9. Peuteropvang: het aanbod in een kinderopvangorganisatie, gericht op kinderen van 2 tot 4 jaar, waarin met een peuterprogramma de ontwikkeling gestimuleerd wordt. 10. Regulier peuterprogramma: een peuterprogramma dat gedurende 6 tot 8 uur per week, verdeeld over minimaal 2 dagen per week, gedurende 40 weken per jaar wordt aangeboden door een kinderopvangorganisatie. 11. VNG adviestabel ouderbijdrage peuteropvang: voor gemeenten een adviestabel op basis van de kinderopvangtoeslagtabel om voor de gesubsidieerde peuteropvang een inkomensafhankelijke tariefstelling vast te stellen. 12. Voor- en Vroegschoolse Educatie (VVE): educatie verdeeld in een voorschoolse periode (2,5- en 3jarigen) doorlopend in de eerste jaren van het basisonderwijs (4- en 5-jarigen), de vroegschoolse periode. 13. Voorschoolse educatie (VE): educatie in de voorschoolse periode in de vorm van een erkend peuterprogramma. Dit programma is gericht op taalontwikkeling, rekenen, motoriek en sociale ontwikkeling. 14. VVE-indicatie: indicatie van de GGD die recht geeft op Voor- en Vroegschoolse Educatie. 15. VVE-overleg: overleg van alle bij de indicering en uitvoering van VVE betrokken partijen in de gemeente Baarn gericht op VVE-versterking. 16. VVE-versterking: In het kader van voorkomen en aanpakken van onderwijsachterstanden: in samenwerking met de andere betrokken partners het (mee) realiseren, vastleggen en borgen van afspraken die gaan over de doorgaande leer- en ontwikkelingslijn (voor- en vroegschool). 17. VVE-peuter: een kind in de leeftijd van 2 tot 4 jaar ingeschreven in de basisregistratie personen van de gemeente Baarn waarvan GGD heeft vastgesteld dat er sprake is van (een risico op) achterstand in de Nederlandse taal en die derhalve een indicatie heeft gekregen voor een VVE aanbod, zoals bedoeld in artikel 159 van de Wet op het primair onderwijs.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel