Naar hoofdinhoud
1.. De burgemeester kan op grond van artikel 2:40 uit de APV een gebiedsontzegging opleggen aan een persoon die strafbare feiten pleegt of openbare orde verstorende handelingen verricht. De gedragingen waarvoor een gebiedsontzegging kan worden opgelegd zijn opgenomen in Bijlage 1A (lichte feiten), Bijlage 1B (zware feiten) en Bijlage 1C (samenvatting van feiten ten behoeve van het modelbesluit gebiedsontzegging). 2.. Voordat de burgemeester een gebiedsontzegging oplegt, waarschuwt hij de betrokkene schriftelijk, indien deze zich voor de eerste keer schuldig heeft gemaakt aan een gedraging als bedoeld in het eerste lid, tenzij een uitzondering van toepassing is. De waarschuwing wordt één keer gegeven en geldt voor een of meer bepaalde delen van de gemeente Waadhoeke. 3.. In afwijking van het tweede lid kan de burgemeester een gebiedsontzegging zonder voorafgaande schriftelijke waarschuwing opleggen indien naar zijn oordeel sprake is van een ernstige verstoring van de openbare orde. 4.. Van een ernstige verstoring van de openbare orde als bedoeld in het derde lid is in ieder geval sprake indien de gedraging een zwaar feit betreft zoals opgenomen in Bijlage 1B. 5.. Een gebiedsontzegging wordt opgelegd voor een of meer bepaalde delen van de gemeente Waadhoeke waarbinnen of in de nabijheid waarvan de gedraging heeft plaatsgevonden. 6.. De gebiedsontzegging geldt voor een aaneengesloten periode van maximaal 24 uur. 7.. Bij een tweede of volgende gebiedsontzegging is de aanduiding (licht of zwaar) van het feit dat op dat moment aanleiding geeft tot de nieuwe gebiedsontzegging bepalend voor de duur van het bevel: wanneer aan een persoon voor een tweede of volgende maal binnen zes maanden na het opleggen van een eerder bevel een gebiedsontzegging wordt opgelegd, enkel voor overtreding van een licht feit, geldt deze voor een periode van maximaal één aaneengesloten week; wanneer aan een persoon voor een tweede of volgende maal binnen zes maanden na het opleggen van een eerder bevel een gebiedsontzegging wordt opgelegd, voor overtreding van een zwaar feit, geldt deze voor een periode van maximaal vier aaneengesloten weken. 8.. De burgemeester trekt de gebiedsontzegging in wanneer de omstandigheden hiertoe aanleiding geven.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel