**1..** Het college brengt een rangschikking aan in de aanvragen die in aanmerking komen voor subsidie.
**2..** Bij de rangschikking van de aanvragen kent het college punten toe aan de hand van de volgende criteria en tot het daarbij vermelde maximumaantal:
de activiteiten hebben impact op de doelgroep van de activiteiten; dit blijkt uit de aard van de problematiek bij de deelnemers, de aard en de duur van de aangeboden activiteiten, het aantal deelnemers dat aan de activiteiten deelneemt en het aantal unieke deelnemers dat aan de activiteiten deelneemt:
de activiteiten hebben veel impact: 12 punten;
de activiteiten hebben een bovengemiddelde impact: 8 punten;
de activiteiten hebben een gemiddelde impact: 4 punten;
de activiteiten hebben een beperkte of geen impact: 0 punten;
de activiteiten zijn gericht op het activeren van de doelgroep van de activiteiten; dit blijkt uit de mate waarin van de deelnemers tijdens de activiteiten een actieve rol wordt gevraagd:
de activiteiten zijn bovengemiddeld activerend: 6 punten;
de activiteiten zijn gemiddeld activerend: 3 punten;
de activiteiten zijn beperkt of niet activerend: 0 punten;
de aanvrager werkt vraaggericht en zorgt ervoor dat de activiteiten voldoen aan de behoeften van de deelnemers; dit blijkt uit de mate waarin de behoeften van de doelgroep proactief uitgevraagd worden bij deelnemers en zij worden betrokken bij het vormgeven, uitvoeren en bijstellen van de activiteiten:
de aanvrager werkt erg vraaggericht en de activiteiten voldoen bovengemiddeld aan de behoeften van de doelgroep: 6 punten;
de aanvrager werkt gemiddeld vraaggericht en de activiteiten voldoen gemiddeld aan de behoeften van de doelgroep: 3 punten;
de aanvrager werkt beperkt of niet vraaggericht en de activiteiten voldoen niet aan de behoeften van de doelgroep: 0 punten;
de aanvrager heeft een proactieve wervingsaanpak die aansluit op de doelgroep waarop de activiteiten zijn gericht alsmede op de vrijwilligers die bij de uitvoering betrokken worden; dit blijkt uit de aanpak die de aanvrager gebruikt om de doelgroep en de vrijwilligers op meerdere, langdurige, diverse en proactieve manieren te bereiken en de mate waarin de activiteiten voor de doelgroep van de activiteiten zichtbaar en vindbaar zijn:
de wervingsaanpak sluit bovengemiddeld aan op de doelgroep: 6 punten;
de wervingsaanpak sluit gemiddeld aan op de doelgroep: 3 punten;
de wervingsaanpak sluit beperkt of niet aan op de doelgroep: 0 punten;
de aanvrager werkt samen met een relevant netwerk van samenwerkingspartners om het effect van de activiteit op de deelnemers van de activiteit te versterken; dit blijkt uit de contacten van de aanvrager met partners die ook hulp en ondersteuning bieden aan de doelgroep, de mate waarin de onderlinge kennisdeling en doorverwijzing bij die contacten voorop staat en de actieve wijze waarop de aanvrager invulling geeft aan de samenwerking met die contacten:
de aanvrager werkt samen met een relevant netwerk en de samenwerking is van meerwaarde voor het effect van de activiteit op deelnemers: 6 punten;
de aanvrager werkt samen met een relevant netwerk en de samenwerking is beperkt van meerwaarde voor het effect van de activiteit op deelnemers: 3 punten;
de aanvrager werkt samen met een beperkt relevant netwerk en de samenwerking is niet van meerwaarde voor het effect van de activiteit op deelnemers: 0 punten;
de kosten zijn laag; dit blijkt uit het feit dat er bij de aanvrager, in verhouding tot het aangevraagde subsidiebedrag, minder kosten per unieke deelnemer worden gemaakt dan gemiddeld bij alle aanvragers gezamenlijk het geval is:
de kosten zijn meer dan 10% onder het gemiddelde: 3 punten;
de kosten verschillen minder dan 10% van het gemiddelde: 1 punt;
de kosten zijn meer dan 10% boven het gemiddelde: 0 punten.
**3..** Een aanvraag komt alleen voor subsidie in aanmerking als daaraan minimaal 17 punten zijn toegekend.
**4..** Wanneer het totaalbedrag van de te honoreren aanvragen hoger is dan het vastgesteld subsidieplafond, verleent het college de subsidie in volgorde van de door het college aangebrachte rangschikking, totdat het voor de betrokken subsidie vastgestelde subsidieplafond is bereikt.
**5..** Als het subsidieplafond wordt overschreden als gevolg van aanvragen die bij de beoordeling gelijk zijn gerangschikt, stelt het college de onderlinge rangschikking van die aanvragen vast aan de hand van het aantal punten dat op basis van het criterium uit het tweede lid, onder a, is toegekend.
**6..** Als aanvragen na toepassing van het vijfde lid gelijk zijn gerangschikt, stelt het college de onderlinge rangschikking van die aanvragen vast aan de hand van de hoogte van het aangevraagde subsidiebedrag waarbij het laagste bedrag voor gaat.
**7..** Als aanvragen na toepassing van het vijfde en zesde lid gelijk zijn gerangschikt, stelt het college de onderlinge rangschikking van die aanvragen vast aan de hand van loting.
Hoofdstuk 2
Artikel 2:6
Wijze van verdeling
Onderdeel van Subsidieregeling kleinschalige activiteiten samen sociaal en vitaal Den Haag 2026