**1..** Onder woonkosten verstaan wij:
bij bewoning van een huurwoning: de per maand geldende kale huurprijs als bedoeld in de Wet op de huurtoeslag en eventuele servicekosten voor de kosten van gemeenschappelijke ruimten;
bij bewoning van een eigen woning: de tot een bedrag per maand omgerekende som van de verschuldigde hypotheekrente en de in verband met het in eigendom hebben van de woning te betalen zakelijke lasten, bestaande uit het eigenaarsgedeelte van de onroerendezaakbelasting, de opstalverzekering en het eigenaarsdeel van de waterschapslasten.
**2..** In het geval een woning wordt bewoond waaraan geen of lage woonkosten zijn verbonden wordt de uitkering hierop aangepast met toepassing van artikel 27 van de wet.
**3..** Lage woonkosten zijn woonkosten die lager zijn dan:
bij een zelfstandige woonruimte: het bedrag van de basishuur als bedoeld in de Wet op de huurtoeslag.
bij een onzelfstandige woonruimte: 90% van de basishuur als bedoeld in de Wet op de huurtoeslag.
**4..** De verlaging van de norm in verband met geen of lage woonlasten bedraagt:
20 procent van de gehuwdennorm, zoals vermeld in artikel 21 sub b van de wet, als een woning wordt bewoond waaraan geen woonkosten zijn verbonden.
10 procent van de gehuwdennorm, zoals vermeld in artikel 21 sub b van de wet, als een woning wordt bewoond waaraan voor de inwoner lage woonkosten verbonden zijn.
Hoofdstuk 2. › Paragraaf 2.2
Artikel 2.2.2
Verlaging in verband met ontbreken of lagere woonkosten
Onderdeel van Beleidsregels Werk & Inkomen Waalre (2026)