Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2. › Paragraaf 2.5

Artikel 2.5.6

Kwijtschelding niet-verwijtbare vordering

Onderdeel van Beleidsregels Werk & Inkomen Waalre (2026)

1.. Ten aanzien van vorderingen welke niet zijn ontstaan als gevolg van schending van een inlichtingenplicht kan afgezien worden van verdere invordering als de schuldenaar: gedurende 36 maanden aan zijn betalingsverplichtingen heeft voldaan, waarbij zijn gemiddelde inkomen in die periode de beslagvrije voet bedoeld in artikel 475c en 475d van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering niet te boven is gegaan of overeenkomstig de vastgestelde draagkracht was; of niet gedurende 36 maanden of gedurende 36 maanden niet volledig aan zijn betalingsverplichtingen heeft voldaan, maar het achterstallige bedrag over die periode, vermeerderd met de daarover eventueel verschuldigde wettelijke rente en de op de invordering betrekking hebbende kosten, alsnog heeft betaald; of gedurende 24 maanden geen betalingen heeft verricht en er, rekening houdend met alle omstandigheden in de individuele situatie, niet verwacht wordt dat invordering van het volledige bedrag redelijkerwijs zal plaatsvinden; of gedurende minimaal 24 maanden aaneengesloten aan zijn betalingsverplichtingen naar draagkracht heeft voldaan en minimaal 50% van de restsom in één keer aflost; of de restsom lager is dan € 150,00, rekening houdende met de omstandigheden. 2.. Afzien van verdere invordering als bedoeld in het eerste lid vindt niet plaats bij vorderingen welke door pand of hypotheek op een goed of goederen zijn gedekt of geldleningen bij eigen woning als bedoeld in artikel 50 van de wet, behalve voor zover die niet op dat goed of die goederen verhaald kunnen worden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel