Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3.

Artikel 13.

Innen van de eigen bijdrage

Onderdeel van Beleidsregel leefgeld en eigen bijdrage ontheemden Oekraïne gemeente Sluis 2026

De hoogte en de ingangsdatum van de eigen bijdrage wordt meegedeeld per beschikking. De eigen bijdrage is maandelijks met ingang van de eerste van de maand verschuldigd over de voorgaande maand. De bijdrage moet zijn betaald voor de 25e van de maand waarin de eigen bijdrage moet worden betaald. Bij het niet tijdig betalen van de eigen bijdrage wordt eenmaal een herinnering verzonden met een termijn van 14 dagen. Na het verstrijken van de termijn van de herinnering wordt een aanmaning verstuurd met een termijn van 14 dagen. Bij achterstand van de maandelijkse eigen bijdrage kan geen betalingsregeling worden getroffen als daarnaast ook nog maandelijks de eigen bijdrage moet worden betaald. Invordering eigen bijdrage Indien de ontheemde de bij beschikking opgelegde eigen bijdrage niet binnen de gestelde termijn voldoet, wordt deze bijdrage aangemerkt als een civielrechtelijke vordering van de gemeente op de ontheemde . De gemeente probeert de vordering in eerste instantie minnelijk te innen door middel van een schriftelijk verzoek tot betaling, gevolgd door een aanmaning. De aanmaning voldoet aan de eisen uit de Wet normering buitengerechtelijke incassokosten (WIK). Indien betaling na aanmaning uitblijft, kan het college besluiten om de vordering te innen via een civielrechtelijke procedure bij de kantonrechter. Bij een toewijzend vonnis wordt het vonnis ten uitvoer gelegd door een gerechtsdeurwaarder, die namens de gemeente beslag kan leggen op loon, uitkering, bankrekening of andere verhaalsmiddelen van de belanghebbende, conform de regels uit het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. Alle redelijke kosten die voortvloeien uit de invordering, waaronder gerechtelijke kosten, buitengerechtelijke incassokosten en kosten van tenuitvoerlegging, kunnen op de ontheemde worden verhaald, mits voldaan is aan de daarvoor geldende wettelijke vereisten. In het geval van blijvend onvermogen of bijzondere omstandigheden die naar het oordeel van het college leiden tot een schrijnende situatie, kan het college besluiten af te zien van (verdere) invordering of toepassing geven aan de hardheidsclausule als bedoeld in artikel 15.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel