Het college beschouwt de volgende categorieën giften als verantwoord in de zin van artikel 31, tweede lid, onderdeel s, van de Wet. Deze giften worden daarom vrijgelaten:
Giften die worden verstrekt en ingezet voor kosten waarvoor anders een vergoeding vanuit de bijzondere bijstand of een Wmo-voorziening verstrekt had kunnen worden;
Giften die worden verstrekt en ingezet voor medisch noodzakelijke kosten;
Giften die worden verstrekt voor de aflossing van problematische schulden die ontstaan zijn voorafgaand aan de ingangsdatum van algemene bijstand;
Giften van charitatieve instellingen, zoals maar niet beperkt tot, de voedselbank, kledingbank en Stichting Urgente Noden.
Artikel 2.
Vrijlating van giften in individuele gevallen
Onderdeel van Beleidsregels vrijlating van giften en schadevergoedingen 2026 gemeente Leudal