**1.** Indien een woningzoekende dringend behoefte heeft aan (andere) woonruimte in de huursector, kan hij aan burgemeester en wethouders verzoeken hem een urgentieverklaring als bedoeld in artikel 14 te verstrekken.
**2.** Een urgentieverklaring kan door burgemeester en wethouders slechts worden verstrekt aan woningzoekenden die voldoen aan de toelatingseisen als bedoeld in paragraaf 2.2 en die voor het voorzien in de dringend noodzakelijke behoefte aan woonruimte uitsluitend aangewezen kunnen worden geacht op de gemeente waarin de urgentie- of voorrangsverklaring wordt aangevraagd. Een woningzoekende is in elk geval uitsluitend aangewezen op de gemeente indien hij/zij tenminste het afgelopen jaar onafgebroken ingezetene is geweest van de gemeente;
**3.** De urgentie- of voorrangsverklaring geldt slechts in de gemeente waar zij is verstrekt en houdt in de erkenning dat voorrang voor verhuizing van de woningzoekende dringend noodzakelijk is en dat burgemeester en wethouders dientengevolge overeenkomstig lid 4, sub a. (andere) woonruimte toewijzen.
**4.** Indien lid 2 van toepassing is, houdt de urgentieverklaring tevens in:a. de toezegging dat, mits voldoende wordt gereageerd op het woningaanbod, zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen een termijn van 6 maanden een zo veel mogelijk passende aanbieding van woonruimte zal worden gedaan met inachtneming van het bepaalde in paragraaf 2.3, tenzij dit gelet op het beschikbare woningaanbod feitelijk onmogelijk is en alsdan zodra dit wel mogelijk is;b. de mededeling dat de inschrijving in het register van woningzoekenden als bedoeld in artikel 14 wordt doorgehaald, indien van de in dit lid, sub a. bedoelde aanbieding geen gebruik wordt gemaakt.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.4
Artikel 15
Urgentieverklaring
Onderdeel van Verordening, houdende regels omtrent de verdeling van woonruimte en wijziging van de woonvoorraad