**1..** Het is verboden zonder vergunning van de burgemeester een speelgelegenheid te exploiteren of te doen exploiteren;
**2..** Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door artikel 30B of 30C van de Wet op de kansspelen;
**3..** De burgemeester weigert de vergunning als:
naar zijn oordeel moet worden aangenomen dat de woon- en leefsituatie in de omgeving van de speelgelegenheid of de openbare orde op ontoelaatbare wijze nadelig worden beïnvloed door de exploitatie van de speelgelegenheid; of
de exploitatie van de speelgelegenheid in strijd is met het geldend omgevingsplan, beheersverordening, exploitatieplan of voorbereidingsbesluit;
**4..** op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.
Hoofdstuk 2 › Afdeling 10
Artikel 2:39a
Speelgelegenheden
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening 2026