Naar hoofdinhoud
1.. Jaarlijks vóór het einde van de maand januari wordt een voorschot verleend ter hoogte van een kwart van het bedrag genoemd in artikel 1 lid 2. Vóór het einde van de maand maart wordt het resterende voorschot verleend ten hoogte van drie kwart van het bedrag genoemd in artikel 1 lid 2, indien van toepassing verrekend met nog niet verrekende te veel ontvangen voorschotten in periodes waarvoor de financiële bijdrage overeenkomstig artikel 11 lid 3 is vastgesteld. 2.. In een jaar waarin de raadsleden aftreden na reguliere raadsverkiezingen wordt, in afwijking van het eerste lid het tweede voorschot vóór het eind van de maand april verleend.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel