**1.** De ambtenaar is verplicht, indien hij daartoe door of namens het
college wordt aangewezen, in tijden van oorlog, oorlogsgevaar of
andere buitengewone omstandigheden andere werkzaamheden te
verrichten dan die welke hij gewoonlijk verricht, mits deze
werkzaamheden strekken ter uitvoering van de taak die de gemeente in
die tijden heeft of zal krijgen, dan wel ertoe strekken een zo goed
en ongestoord mogelijke uitvoering van die taak te verzekeren.
**2.** De ambtenaar is verplicht, indien hij daartoe door het college
wordt aangewezen, taken te verrichten in het kader van de Wet rampen
en zware ongevallen.
**3.** In geval van een ramp of zwaar ongeval als bedoeld in artikel 1, sub
b, Wet rampen en zware ongevallen, is de ambtenaar die is aangewezen
op grond van het tweede lid van dit artikel verplicht de taken in
het kader van de Wet rampen en zware ongevallen te verrichten onder
leiding en toezicht van het college waar de ramp of het zware
ongeval plaatsvindt.
**4.** De ambtenaar, op grond van het eerste of tweede lid aangewezen, is
te allen tijde verplicht lessen te volgen en deel te nemen aan
oefeningen welke verband houden met zijn in dat lid aangeduide
taak.
**5.** De aanwijzing, bedoeld in het eerste of tweede lid geschiedt
slechts, indien de persoonlijke omstandigheden van de ambtenaar
zulks redelijkerwijs toelaten.