Naar hoofdinhoud
1.. De termijn voor het indienen van een klacht bedraagt: in geval van een ontwerpklacht uiterlijk zeven kalenderdagen na publicatie van de nota van inlichtingen waar de klacht betrekking op heeft, tenzij in de aanbestedingsstukken een andere periode van indienen is bepaald; in geval van een klacht over een terzijdeleggings-, selectie-, gunnings- of intrekkingsbeslissing uiterlijk zeven kalenderdagen na de terzijdeleggings-, selectie-, gunnings- of intrekkingsbeslissing; in afwijking van onderdeel a en b bedraagt bij een onderhandse aanbesteding en bij het plaatsen van opdrachten binnen een dynamisch aankoopsysteem de termijn vier in plaats van zeven kalenderdagen; in geval van een klacht over het ten onrechte middels een niet-passende procedure of geheel niet aanbesteden door de provincie, binnen zes maanden na het sluiten van de overeenkomst waarop de klacht ziet. 2.. De aanbestedende dienst neemt tijdig een besluit over de gegrondheid van de klacht als volgt: in geval van een ontwerpklacht: de aanbestedende dienst deelt minimaal tien kalenderdagen vóór het moment van indiening van aanmeldingen of inschrijvingen het besluit over de gegrondheid van de klacht mee aan klager; in geval van een klacht over een terzijdeleggings-, selectie- gunnings- of intrekkingsbeslissing: de aanbestedende dienst deelt minimaal tien kalenderdagen vóór het verstrijken van de in de aanbestedingsstukken vermelde stand still-termijn/vervaltermijn het besluit over de gegrondheid van de klacht mee aan klager; In afwijking van onderdeel a en b deelt de aanbestedende dienst bij een onderhandse aanbesteding en bij opdrachten binnen een dynamisch aankoopsysteem het besluit over de gegrondheid van de klacht minimaal zes kalenderdagen vóór het moment van indiening van de aanmeldingen of inschrijvingen respectievelijk vóór het verstrijken van de in de aanbestedingsstukken vermelde stand still-termijn/vervaltermijn mee aan klager. In geval van een klacht over het ten onrechte niet aanbesteden: de aanbestedende dienst deelt het besluit over de gegrondheid van de klacht binnen vier weken na de indiening daarvan mee aan klager, welke termijn zo nodig éénmaal kan worden verlengd met vier weken. 3.. Als een tijdige afhandeling van de ontwerpklacht niet mogelijk is, verschuift de provincie de uiterste datum van aanmelding of inschrijving zodanig dat de klager minimaal tien kalenderdagen heeft om de uitkomst van de klachtafhandeling mee te kunnen nemen in zijn aanmelding of inschrijving. 4.. In afwijking van het derde lid verschuift bij een onderhandse aanbesteding en bij opdrachten binnen een dynamisch aankoopsysteem de provincie de uiterste datum van inschrijving zodanig dat de klager minimaal zes kalenderdagen heeft om de uitkomst van de klachtafhandeling mee te kunnen nemen in zijn inschrijving. 5.. Als een tijdige afhandeling van een klacht over terzijdeleggings-, selectie-, gunnings- of intrekkingsbeslissing niet mogelijk is, schort de provincie de door haar aangekondigde vervaltermijn zo nodig op zodat een klager na klachtafhandeling nog minimaal tien kalenderdagen heeft om andere rechtsbeschermingsmogelijkheden te benutten. 6.. In afwijking van het vijfde lid schort de provincie bij een onderhandse aanbesteding en bij het plaatsen van opdrachten binnen een dynamisch aankoopsysteem de door haar aangekondigde vervaltermijn zo nodig op zodat een klager na klachthandeling nog minimaal zes kalenderdagen heeft om andere rechtsbeschermingsmogelijkheden te benutten. 7.. De provincie kan afwijken van de opschortingsverplichting als bedoeld in het derde, vierde, vijfde en zesde lid, als er zwaarwegende redenen zijn waarom de aanbestedingsprocedure doorgang behoort te vinden. De provincie motiveert dit schriftelijk aan klager. 8.. Het indienen van een klacht bij de Commissie van Aanbestedingsexperts heeft geen invloed op het uiterlijke moment van aanmelding of inschrijving en schort de vervaltermijn voor de inzet van rechtsbescherming niet op.

Rechtspraak bij dit artikel